Historisch bezoek Arabische Liga aan Israël aangekondigd

Print
Voor de eerste keer in het bestaan van de Joodse staat zal een delegatie van de Arabische Liga voor vredesgeprekken naar Israël reizen. Een woordvoerder van het Israëlische ministerie van Buitenlandse Zaken bevestigde dinsdag dat de Egyptische en Jordaanse ministers van Buitenlandse Zaken, Ahmed Abul-Gheit en Abdelelah al-Khatib, op 25 juli voor een historisch bezoek in Israël worden verwacht.
Jordanië en Egypte werden door de Arabische Liga eind maart belast om met Israël te onderhandelen over het Arabisch vredesplan, dat oorspronkelijk door Saoedi-Arabië ter sprake was gebracht. Het voorziet een normalisering van de Israëlische betrekkingen met de Arabische wereld in ruil voor een terugtrekking van Israël binnen de grenzen van voor (de Zesdaagse Oorlog van) 1967.
Traditioneel staat de in 1945 opgerichte Liga, waartoe 22 landen behoren, eerder vijandig tegenover Israël. Abul-Gheit en al-Khatib hadden hun Israëlische ambtgenoot Tzipi Livni reeds in mei in Kaïro ontmoet en toen aangkondigd dat het vervolg van de gesprekken zou plaatsvinden in Israël.

De Israëlische premier Ehud Olmert riep de Syrische president Bashar al-Assad maandagavond op, de vredesgesprekken te hervatten. "Bashar al-Assad, ik ben tot rechtstreekse onderhandelingen bereid", zei Olmert op de Arabische televisiezender al-Arabija. Assad mag "eender welke plaats" voor de ontmoeting kiezen, zei Olmert.

De laatste ronde van de Israëlisch-Syrische vredesgesprekken was in maart 2000 zonder resultaat geëindigd. Toen werd geen toenadering bereikt in de kwestie over een eventuele terugtrekking van Israël uit de Golanhoogte, die Israël in de Zesdaagse Oorlog had veroverd en later geannexeerd. Damascus wil de teruggave van de Golanhoogte als voorwaarde voor een vredesverdrag. Het gebied is militair van strategisch belang en wegens zijn toegang tot waterbronnen betekenisvol. De Verenigde Naties hebben de Israëlische annexatie destijds nietig verklaard.

De Palestijnse president Mahmoed Abbas bekrachtigde ondertussen dinsdag tijdens een ontmoeting met de Italiaanse premier Romano Prodi zijn oproep voor het sturen van een internationale troepenmacht naar de Gazastrook. Een maand geleden had de islamitische Hamasbeweging daar met geweld de macht overgenomen. Prodi benadrukte tijdens het gesprek in Ramallah evenwel dat daarvoor een toestemming van beide partijen noodzakelijk is, iets wat zich momenteel niet aftekent. Hij maakte het bestuur van de Autonome Gebieden wel een financiële steun van 25 miljoen dollar over.