Gudjon in de leeuwenkuil

Stoke City. Gesticht in 1863. Een van de meest traditierijke profclubs in Engeland. Stanley Matthews, Geoff Hurst, Gordon Banks, Peter Shilton... Het zijn maar enkele namen van wereldsterren die er ooit furore maakten. De degradatie uit de Premier League in 1977 geraakte echter nooit verwerkt. Het ging van kwaad naar erger met Stoke City, tot drie maanden geleden buitenlandse investeerders de club overnamen. Een IJslandse putsch, de trouwe fans - Stoke speelt ook in derde klasse voor gemiddeld 15.000 toeschouwers - wisten niet wat ze zagen. Ze kunnen gerust zijn, de club is in goede handen. Standard-legende Asgeir Sigurvinsson is sportief directeur, ex-bondscoach Gudjon Thordarsson manager. Een enorme uitdaging voor de 44-jarige ambitieuze vader van de Genkse Gudjonssons. Een bijzonder man met een bijzonder verhaal.

STOKE-ON-TRENT Marnik GEUKENS

BR>

Naam = genitief voornaam vader plus -son. Zo moet het IJslands burgerlijk wetboek ongeveer staan. Gudjons zonen heten bijgevolg allemaal Gudjonsson. Ze hebben alvast het voetbaltalent en de verbetenheid van hun vader geërfd. Drie zakten via ondermeer Newcastle en Bochum af naar Genk, minstens één andere is misschien in aantocht. De 12-jarige Agle heeft het in zich, weet pa nu al.

«Ik ben fier op mijn jongens,» zegt hij. «Het zijn harde werkers, die erg jong op eigen benen stonden. Dappere kerels, zij hebben de mentaliteit van een echte prof.»

Opmerkelijk: het zijn allemaal aanvallers. Terwijl pa het prototype was van de faire maar beenharde verdediger. «Spitsen worden beter betaald,» lacht Thordarsson.

Lokeren

De manager van Stoke City ontvangt ons in de Harvester Pub. Op tweehonderd meter van het gloednieuwe Britannia Stadium, een paleis dat plaats biedt aan 28.000 toeschouwers.

«Maar ik moet er even uit,» geeuwt Gudjon Thordarsson. Hij heeft net een helse week achter de rug. Samen met Asgeir Sigurvinsson vertoefde hij op het tornooi in La Manga. Net als de heren van Racing Genk op zoek naar een spits. Hij mag alleen iets minder kosten.

«We staan nog steeds op de zesde plaats, net goed genoeg voor een plaats in de play-offs. We komen van ver, toen ik begin november trainer werd, stond Stoke City onderaan. Het idee om deze club over te nemen kwam van mijzelf. Als bondscoach had ik alles bereikt in IJsland, ik wou het proberen in Europa. Ik praatte lang met Lokeren, maar zij kozen voor Georges Leekens. Daarom sprak ik twee bevriende bankiers aan. Na lang onderhandelen hebben ze een meerderheidsparticipatie genomen in Stoke City. Gunnar Thor Gislason en Elfar Adalsteinsson overhaalden Asgeir Sigurvinsson om met hen het bestuur te vormen. Ze wilden zich omringen met iemand met voetbalkennis. Ik werd de nieuwe manager, dat maakte deel uit van de deal. De voormalige bestuurders zitten nog in de raad van beheer, maar hebben niet veel meer te zeggen.»

Harde jongens, die IJslanders.

«Zo gaat het in het leven. Als jij je huis verkoopt en je wil er toch blijven wonen. Dan moet je je schikken naar de wetten van de nieuwe eigenaars. Of niet, soms?»

Vialli

Het nieuws sloeg in als een bom. Maar de supporters morden niet. Integendeel, ze vonden de weg terug naar het stadion.

«Omdat wij meteen resultaten boekten,» aldus Thordarsson. «Daarmee staat en valt alles in de sport. De spelers reageerden ook positief. Nochtans veranderde er ook voor hen heel veel. Ik gooide het spelsysteem om. Mijn filosofie kan je vergelijken met die van Aimé Anthuenis. Drie centrale verdedigers, twee flankspelers, twee controlerende middenvelders. Dat zijn ze in Engeland niet gewoon. Ik boekte met dit concept goeie resultaten met IJsland, we kwalificeerden ons bijna voor EURO 2000. Dit concept kan ook onze sterkte worden in de competitie. Als wij ons plaatsen voor de eindronde, zullen ze dicht bij de promotie zitten. Tegen dan beheersen mijn spelers het systeem.»

Thordarsson barst van de ambitie, hij is klaar om Europa te veroveren.

«Ik weet wat ik kan. Ik ben al 13 jaar coach, ik beschik over meer ervaring dan iedereen hier wel denkt. Met Vialli, Houillier, Wenger en Egil Olsen ben ik een van de vijf niet-Britse coaches in het Engelse profvoetbal. Net als hen wil ik hier mijn stempel drukken. Ook al wordt het niet makkelijk. De alomvattende job van manager, de Engelse competitie, de Britse gewoontes... alles is nieuw voor mij. Ik stort mij in een leeuwenkuil. Maar ik hou van avontuur. Ik zal er als winnaar uitkomen.»

Aangeboden door onze partners

Hoofdpunten

Aangeboden door onze partners

Beste van Plus

Lees meer