DSM schrapt duizend jobs in penicilline-fabrieken

De Nederlandse chemiereus DSM gaat de komende twee tot drie jaar ongeveer 1.000 banen schrappen in de afdeling DSM Anti-Infectives, wat overeenkomt met een derde van de tewerkstelling in die afdeling. Dat heeft het concern gisteren aangekondigd. De onderneming wil met de herstructurering op jaarbasis 1,6 miljard frank besparen en op die manier de afdeling opnieuw winstgevend maken. De sector wordt getroffen door een grote overcapaciteit en enorme druk op de prijzen.

BR>De herstructurering moet de afdeling DSM Anti-Infectives binnen twee tot drie jaar weer een rendement van 15 procent bezorgen. In eerste instantie worden worden drie fabrieken van penicillines of antibiotica gesloten in Mexico, in Peru, in het Nederlandse Delft en in Zweden. Met die sluitingen zijn ongeveer 300 jobs gemoeid. Naarmate de herstructurering vordert zal DSM bekijken of het nog nodig is dat ook andere productievestigingen dicht moeten.

In het totaal zullen door de sanering 1.000 mensen hun baan verliezen op een totaal van 3.200 die wereldwijd voor de betrokken afdeling tewerkgesteld zijn. DSM zal de winstgevendheid van de afdeling ook verbeteren door de invoering van nieuwe technologie, een doorgedreven besparingsprogramma en een verhoging van de productiviteit. DSM Anti-Infectives heeft een omzet van ongeveer 20 miljard frank en heeft 17 productie-vestigingen waarvan de meeste gelegen zijn in zogenoemde lageloonlanden. In totaal telt DSM 22.000 personeelsleden.

De problemen van DSM Anti-Infectives hebben te maken met de overproductie die op de internationale markt van antibiotica bestaat. Een en ander betekent niet dat er minder antibiotica wordt gebruikt. Volgens de Algemene Pharmaceutische Bond worden er elk jaar zo'n twee procent geneesmiddelen meer verbruikt.

Dat er op de markt van antibiotica overproductie bestaat, is volgens voorzitter Jan Denecker van de APB niet zo vreemd. «Naarmate de levenscyclus van een geneesmiddel vordert, de patenten verstrijken en het product vrij mag geproduceerd worden, zijn er meer en meer fabrikanten die dergelijke middelen op de markt brengen. Daardoor wordt het product goedkoper en worden de winstmarges kleiner. Het gevolg is overcapaciteit.»

De prijs van geneesmiddelen wordt bovendien van overheidswege geregeld. Jan Denecker: «Oudere producten worden logischerwijs goedkoper. Om de winstmarges op peil te houden ontwikkelen de bedrijven dan ook nieuwe producten die dan weer duurder zijn.»