Mirek Waligora voelt zich eindelijk weer gerespecteerd in Lommel

Vijf voor twaalf. En geen minuut vroeger. Zo laat is het momenteel voor Lommel. Met een zekere Geel-STVV op de kalender rest de Noord-Limburgers dit weekend slechts één optie: GBA moet voor de bijl. Zoniet dreigt een lange doodsstrijd, die vrijwel zeker in een executie uitmondt. Bij dat doemscenario weigert men zich aan de Gestelsedijk vooralsnog neer te leggen. En dat mag gerust opmerkelijk worden genoemd. Amper een maand geleden was de ploeg immers rijp voor de sloop. Bergen 19 december, Lokeren 12 januari, de metamorfose was opzienbarend. Maar eens te meer was de oogst nihil. En blijft het wachten op die tweede competitiezege. Wordt Franky Van der Elst, voor wie de Gestelsedijk sinds jaar en dag een mijnenveld is, het kind van de rekening?

Roger COX

BR>

Als het van Mirek Waligora afhangt wel. De bijna 30-jarige

pocket-Pool

is een ander mens geworden, sinds hij van kersvers coach Harm Van Veldhoven voluit zijn kans krijgt.

«Ik wil dat rotte half jaar dat ik achter de rug heb, zo snel mogelijk naar de geschiedenisboekjes verwijzen», lacht hij minzaam. «Ja, ik heb onder Daerden zwarte sneeuw gezien. Pas op, ik besef dat respect en sentiment in de keiharde voetbalwereld geen plaats hebben. Alles draait om prestaties. Maar als die prestaties uitblijven en je blijft desondanks aan die reservenbank vastgekluisterd, wordt het soms wel eens te veel. De buitenwereld merkt daar waarschijnlijk niets van. Ik ben nu eenmaal geen ruziestoker, ik schik me nogal makkelijk in mijn lot. Maar na vijf seizoenen Lommel had ik een betere behandeling verdiend.»

Dat Daerden en de club hem op een bepaald ogenblik naar tweedeklasser Roeselare wilden verkassen, zit Waligora ook vandaag nog hoog.

«Tweede klasse, daar voel ik me nog te goed voor. Het zuiverste bewijs: hoewel ik in de heenronde amper drie keer in de basis stond, sta ik nog altijd bovenaan de Lommelse topschutterslijst. Maar ja, Daerden moest van mij en een aantal andere jongens blijkbaar niet weten. Hij voerde een politiek van twee maten en twee gewichten. Het resultaat was dat van de legendarische Lommelse vechtlust op den duur niks meer overbleef. Gewoon omdat bepaalde spelers te zeker waren van hun plaats. Ik had in ieder geval de indruk dat hij mij liever kwijt dan rijk was om de druk op de andere voorspelers voor een stuk weg te nemen.»

Met Harm Van Veldhoven is dat, dixit Mirek, niet langer het geval.

«Hij heeft ons onmiddellijk diets gemaakt dat iedereen op gelijke voet zal worden behandeld. Wie hem goed kent, weet dat hij daar naar handelt. Hij geniet respect van iedereen in de club. Als voetballer ging hij voor de ploeg door het vuur. Nu is het onze beurt om iets terug te doen. Hij heeft ook een andere tactische aanpak beloofd. Het resultaat wordt vanaf nu heilig. Niet de attractiviteit van het spel. Gelijk heeft hij. Het enige wat in de komende maanden telt, zijn de punten.»

Maar of die er ook zullen komen, is een ander paar mouwen. Op Lokeren vond Lommel na een onderbreking van 787 (!) minuten nog eens de weg naar de netten. Maar het was allicht niet toevallig dat een verdediger scoorde.

«En toch ligt het hoofdprobleem volgens mij niet alleen vooraan», neemt

Wali

de verdediging van zijn collega's-spitsen op zich. «Van de vijftien goals werden er twaalf door de aanvallers gemaakt. En drie door de verdedigers. Geen enkele goal van onze middenvelders, inderdaad. Pas op, da's geen kritiek. Enkel een vaststelling. Een uitvloeisel van het transferbeleid van de laatste jaren, zeg je? Euh, met dergelijke vragen moet je bij het bestuur zijn. Maar goed, ondanks alles heb ik er goeie hoop in voor de komende maanden. In Lokeren dwongen we nog eens een hoop kansen af. Verder stond er ook een blok op het veld. Hartverwarmend was het.»

Maar het behoud kwam geen stap dichterbij.

«Klopt. Ik weet dat het met de week moeilijker wordt om overeind te blijven. Maar ik wil deze club kost wat kost in eerste klasse houden. Ik wil hier geen afscheid nemen met een degradatie. Tenminste, als dat afscheid er komt. Want zeker is dat natuurlijk niet. Er zijn her en der al wat losse contacten. Onder meer in mijn geboorteland. Maar ik heb me voorgenomen om daar voorlopig niet op in te gaan. Alle aandacht moet nu gaan naar het sportieve. Wat de toekomst betreft, zien we wel. Liefst van al, en dan spreek ik vooral in naam van mijn vrouw, blijf ik in Lommel hangen. Mijn vrouw is hier tewerkgesteld als verpleegster in een bejaardentehuis en heeft een mooie vriendenkring opgebouwd. Zij huivert bij de gedachte aan een terugkeer naar Polen. Zelf verkies ik ook om in België te blijven. Ik heb zelfs mijn naturalisatie-aanvraag al ingediend. Maar alles hangt uiteraard af van de aanbiedingen die ik zal krijgen.»