De gebroeders Ferrera: "Ze staan klaar om ons af te maken"

GRIMBERGEN -

"Neen, deze match doet de spanning in de familie niet toenemen. We zijn geen directe concurrenten." Integendeel: Emilio Ferrera, trainer van Beveren, en zijn oudere broer Manu, scout en jeugdcoach bij Anderlecht, strijden voor dezelfde zaak: bewijzen dat onbekende voetballers goede trainers kunnen worden. "De Belgische voetbalwereld is enorm gesloten. Niemand gunt mij, de kleine Emilio, mijn succes. Iedereen staat klaar om me af te maken. Maar de realiteit is: het grote Anderlecht past zich aan aan het kleine Beveren."

Steven Tuyls

BR>

Voor wie supporter je op de Freethiel, Manu?

Manu:

Geef ik de voorkeur aan mijn beroep, dan zeg ik

Anderlecht

; laat ik mijn gevoelens spreken, dan Beveren. En iedereen zegt dat ik een sentimenteel man ben, dus...

Als paars-witte spion heeft Manu Ferrera natuurlijk een haarfijne analyse gemaakt van Beveren.

Emilio:

Ik hoop van niet, ik heb hem alle geheimen verteld. Manu kent mijn ploeg van binnen en van buiten.

Manu:

Pech, broertje. (

lacht

) Neen hoor, ik analyseerde alle tegenstanders van Anderlecht, behalve Beveren. Dat zou ik nooit doen, het druist in tegen mijn familiegevoel. Gelukkig was Anthuenis zo eerlijk en slim om het me niet te vragen. Hij heeft Beveren zelf gescout. Klasse van hem.

Jullie zijn echte voetbaldieren.

Manu:

Grootvader voetbalde, vader voetbalde. We zijn met het leer opgegroeid. Pa emigreerde in 1964 vanuit Andalusië omdat daar geen werk meer was. Dankzij hem is onze liefde voor de bal oneindig. Eén voorbeeld: Emilio en ik wonen dolgraag in België, toch hebben we dit fantastisch land verlaten: voor het voetbal! Ik speelde in Japan, Emilio trainde in Mexico.

Emilio:

Ik bezit de Belgische nationaliteit én mentaliteit, maar vanbinnen ben ik Spanjaard. En elke Spanjaard adoreert voetbal. Ik supporter altijd voor de nationale ploeg en de clubs van Spanje. Elk elftal ginds kiest voor een vaste filosofie en wijkt daar nooit vanaf. Schitterend. Maar aan de andere kant wil ik het Spaans voetbal niet verheerlijken. De sfeer in de stadions is er fantastisch, en daarom denk je al snel dat er veel spektakel is. Ik zag onlangs Espanol - Valencia. Veel ambiance, maar de wedstrijd was slaapverwekkend. Zet diezelfde 22 spelers in een Belgisch stadion en iedereen zegt

wat een klotematch

. We hoeven niet negatief te doen over het Belgisch voetbal. Acevedo, de tester die afkomstig is van een Argentijnse eersteklasser, kan op dit ogenblik het niveau van Beveren niet aan! Onze competitie is héél moeilijk.

Haalden jullie daarom de top niet als voetballer?

Emilio:

Inderdaad, ik was niet goed genoeg. Technisch was ik sterk, maar destijds werd te veel de nadruk gelegd op het fysieke aspect. Nu zou ik meer kans op slagen hebben.

Manu:

De aanhoudende blessurelast was mijn groot probleem. Voor elke wedstrijd die ik speelde, was ik er tien geblesseerd. Ik had de mogelijkheden om de top te halen. De Nederlandse trainer Ooft kwam ooit naar Aalst om een belofteinternational te bekijken, maar nam mij mee naar Japan.

Ook als trainer is het knokken. Manu was even aan het roer in Seraing, Emilio moet het nu waarmaken in Beveren.

Manu:

De situatie in Seraing was moeilijk. De club hield op te bestaan, maar ik moest vechten voor mijn toekomst als trainer. Ik slaagde erin de club in eerste te houden. Daardoor degradeerde Beveren en promoveerde Genk dat als tweede in tweede klasse was geëindigd. Anthuenis is me dus veel dank verschuldigd, haha. Maar ondanks die straffe prestatie was er weinig interesse voor me. Ik bleef vier maanden werkloos en mocht blij zijn dat ik als jeugdcoach bij Anderlecht kon beginnen. Waarom kiezen Belgische bestuurders altijd voor grote voetballers als trainer? Alleen wanneer je als onbekende supergoed presteert, krijg je nog een kans als hoofdtrainer.

Emilio:

Kans? Kansje, bedoel je. Terwijl ex-internationals vijf keer mogen falen en nog een club vinden. Ik moet twintig keer beter presteren dan Franky Van der Elst om dezelfde waardering te krijgen. Dat is onrechtvaardig! In België moet je verdorie twintig keer Rode Duivel geweest zijn om coach te mogen worden. Op een gegeven moment waren alle trainersposten bezet door spelers van de WK's 1982 en 1986. De voorzitters kijken blijkbaar alleen naar de palmares.

Logisch, want topvoetballers leerden veel van toptrainers en weten wat het is onder druk te presteren.

Emilio:

Neen, het is niet logisch. Voetballer en trainer zijn twee totaal verschillende beroepen. Grote voetballers hebben op hun eerste trainingsdag misschien een voordeel, maar nadien komt het er toch op aan iets zinnig te vertellen. Welke bestuurder analyseert werkelijk een coach voor hem in te huren? Niemand, men kiest steeds opnieuw voor namen.

Manu:

Frans Van Hoof, de voorzitter van Beveren, is een uitzondering. Hij liet Emilio een maand lang de sterke en zwakke punten van Beveren analyseren. Daarna informeerde hij bij al zijn vorige clubs en bij Leo Beenhakker. Zo wist hij perfect hoe Emilio werkte.

Emilio:

Het wordt hoog tijd dat de vastgeroeste patronen doorbroken worden. Neem eens artikels van drie jaar geleden. Je leest exact hetzelfde als dezer dagen. Ik pleit voor buitenlandse trainers. Zij kunnen ons voetbalmilieu op zijn kop zetten. Zoals enkele jaren geleden in Spanje gebeurde met Cruyff en Beenhakker. Alleen zo keren grote tijden terug.

Manu:

De Belgische clubs behaalden hun grootste successen met coaches van over de grenzen. Ga maar na: Kroon, Happel, Ivic, De Mos.

Dat zullen de Belgische trainers niet graag horen.

Emilio:

Neen. Trainers, bestuurders, journalisten, ze staan klaar om me af te maken. Nu het goed gaat met Beveren, doet iedereen vriendelijk tegen me. Dat kan ook niet anders. Ik heb de meeste ex-internationals verslagen: Leekens, Ceulemans, Hulshoff. Maar twee nederlagen en ze halen hun geweren boven. Eddy Snelders stelt onlangs in jullie krant

Ferrera of geen Ferrera, Beveren krijgt het moeilijk

. Wat heeft die man als trainer bewezen dat hij mij beoordeelt? Maar weet je wat de realiteit is? Dat het grote Anderlecht zich aanpast aan het kleine Beveren. En dat telt.