Ref Huyghe prijst zich gelukkig dat Belgische clubs geen geschenken geven

ANTWERPEN -

"Ik ben blij dat de Italiaanse refs de horloges moeten teruggeven", stelt Luc Huyghe, al vier seizoenen internationaal scheidsrechter. "Het schenken van dure uurwerken vind ik zwaar overdreven. Wat mij betreft ruiken zo'n cadeaus naar corruptie. De voetbalbonden mogen het niet dulden. De Profliga mag wat mij betreft een waardevol voorwerp aanbieden, maar afzonderlijke clubs, nooit! Ik vrees dat er een opbod zou ontstaan. Geen enkele club wil onderdoen voor de andere en waar eindigt die wedloop? Je maakt mij niet wijs dat zoiets in het belang van een goede arbitrage kan zijn."

BR>"Het verwondert me wél dat dit in Italië gebeurd is", stelt Huyghe. "Akkoord, Italiaanse clubs houden van show en beschikken over grote financiële middelen, maar de scheidsrechters zijn er goed betaalde profs. Het aanbieden van cadeaus verwacht je veeleer in armere landen, waar de refs geen groot inkomen hebben.

Gelukkig bezondigen de Belgische clubs zich niet aan dergelijke praktijken. In ons land heb ik nog nooit iets gekregen. Kerstkaartjes, ja, maar je denkt toch niet dat ik daarvoor

een matchke regel

. En het etentje na de wedstrijd behoort tot de Belgische traditie. Arbitreren is een sociaal gebeuren. Een pintje drinken en een hapje eten creëert een sfeer van wederzijds respect en verhoogt dus de kwaliteit van de arbitrage."

"Verder zou ik nooit gaan. Ik zou er me slecht bij voelen als ik iets zou aannemen. Nu stap ik met een gerust gemoed het veld op. Ik maak wel eens een fout, maar dan besef ik meteen dat ik die beslissing in eer en geweten genomen heb. Met een cadeau in de achterzak zou ik misschien gaan schipperen. Mijn arbitrage zou er vreselijk onder lijden. Daarom heb ik me voorgenomen cadeaus te weigeren of meteen terug te sturen.

In België heeft de Scheidsrechterscommissie geen regels opgelegd over het aanvaarden van geschenken, maar ik weet zeker dat mijn collega's op dezelfde manier zouden reageren. Internationaal bestaat die regel wél. We moeten alle aanbiedingen meteen aan de UEFA melden. Bovendien worden we sinds kort bij Europabekerwedstrijden opgevangen en begeleid door mensen van de plaatselijke voetbalbond. Met de clubs hebben we niks meer te maken. Soms gaat dat wel ten koste van het plezier. Vroeger zorgden de clubs voor een rondleiding in de stad en het stadion. Dat waren plezante, onschuldige trips. Maar het huidige systeem is toch correcter. Hoe minder aanleiding we de mensen geven om kritiek te uiten, hoe beter."