Sven Nys grijpt met wat geluk eerste driekleur in vijf jaar

GENT ->B> Twee kruistekens - met de linkerhand, triomfantelijk gezwaai met een Belgische driekleur en een emotionele ontlading zoals je die bij Sven Nys zelden ziet. «Ik heb veel geluk gehad», wist de Brabander. Trui en medaille lagen klaar voor Vervecken, toen het kampioenschap Nys toch nog in de schoot viel.

Guido ROELANTS

BR>

Nationale kampioenschappen en Sven Nys: grote liefde is het nooit geweest. Hoewel hij van bij de nieuwelingen met kop en schouder boven zijn generatiegenoten uitstak, had de Balenaar tot gisteren maar één nationale driekleur in zijn kast liggen. Als junior was hij in '95 in het Luikse Wegimont de beste. Bij de beloften speelden zenuwen en Bart Wellens hem telkens parten. Vorig jaar bleken Janssens en De Clercq in de eindspurt een fietslengte te snel.

Zondagnamiddag heeft Nys op de Blaarmeersen de ban gebroken. Al kwam daar een flinke dosis meeval bij kijken. «Zonder die val van Vervecken op vijfhonderd meter van de eindstreep wint hij. Dat geef ik grif toe. Maar toen ik hem zag liggen, dacht ik meteen: nu heeft iedereen zijn deel gehad. Want geef toe, ik verdiende dit toch, hé.»

Die laatste opmerking herhaalde Nys in de loop van het gesprek wel een keer of drie. Alsof het nodig was zich te rechtvaardigen. Niet hij maar

het lot

(en een onvoorzichtige toeschouwer) had Vervecken onderuit gehaald. Bovendien was Nys duidelijk sterker dan de Kempenaar, en dan hebben we het niet eens over de rest van het seizoen.

«Ik had een superdag. Als ik niet drie keer onderuit ga, win ik wellicht met voorsprong, want ik had Erwin al een paar keer flink pijn gedaan. Ik plaatste tussenspurtjes en dat zou hem fataal zijn geworden. Dat voelde ik. De manier waarop ik kon koersen, bewijst hoeveel vooruitgang ik heb gemaakt. Twaalf maanden geleden zou ik op dit parcours niet eens het podium hebben gehaald. Nu moest ik alleen op een paar loopstroken zorgen dat ik voor Vervecken zat. Vooral op de trap deed hij me pijn. Met zijn lange benen kon hij twee treden gelijk nemen. Maar met een versnelling net voor de hindernis lukte het me aardig om hem achter mij te houden. Tot ik weggleed bij het opdraaien van een strook beton. Op de trap liep Vervecken nog verder uit. Hoewel ik op een zware fietsstrook wat naderde, wist ik me geklopt.»

Opvallend: Vervecken ging - weliswaar op het slechtst denkbare moment - éénmaal onderuit, Nys een keer of drie. Ploegmaat Richard Groenendaal zei het eerder dit seizoen al:

als Sven onder druk staat, maakt hij stuurfouten

.

«Toegegeven, ik was nerveus. Er was zoveel volk, er waren zoveel supporters meegekomen, ik moest winnen. De druk was groot, ook al blijf ik er bij dat deze titel niet het belangrijkste is. Ik hecht meer belang aan de eindzege in Wereldbeker en Superprestige. In die klassementen kan je een fout of een mindere dag rechtzetten, wordt de beste man beloond. In een kampioenschap kan één schuiver op het verkeerde moment fataal zijn.» Erwin Vervecken zal dat laatste zeker niet tegenspreken.

Elite met en zonder contract (44):

1. Sven Nijs (Baal - Kampioen van België elite met contract) in 1u02'48"

2. Erwin Vervecken op 14"

3. Mario De Clercq 1'09"

4. Marc Janssens 1'33"

5. Peter Van Santvliet 1'42"

6. Geert Vandaele 1'57"

7. Ben Berden 3'21"

8. David Willemsens 3'29"

9. Bjorn Rondelez 3'38"

10. Arne Daelmans 3'50"

11. Kipcho Volckaerts 4'20"

12. Tom Pynaert 4'50"

13. Kris Wouters 5'21"

14. Peter Willemsens 6'10"

15. Kurt De Roose 6'35"

16. Tom De Kort 6'50"

17. Pascal Van Riet 7'20"

18. David Laenen 7'30"

19. Nico Clarysse 7'37"

20. Patrick Schurmans 8'00".