Italiaanse bank BPI in handen van Banco Popolare di Verona

Print
De Italiaanse bank Banca Popolare Italiana (BPI) komt in handen van sectorgenoot Banco Popolare di Verona e Novara.
BR> Dat maakten ze maandag bekend. De bank uit Verona betaalt 8,2 miljard euro voor de overname. De nieuwe groep wordt de vijfde grootste bank van Italië. BPI is bekend om de bitse overnamestrijd die het vorig jaar met de Nederlandse bank ABN Amro uitvocht om een andere Italiaanse bank, de Banca Antonveneta. BPI moest uiteindelijk het onderspit delven. In de nasleep van de zaak moest gouverneur Antonio Fazio van de Italiaanse centrale bank ontslag nemen wegens vermoedens van belangenvermenging. De Italiaanse banksector zit in een consolidatiefase. Drie buitenlandse banken kwamen recent op de Italiaanse markt en Sanpaolo uit Turijn komt binnenkort in handen van het Milanese Banca Intesa. BPI zette zichzelf in de etalage nadat het over het jaar 2005 een verlies leed van 744 miljoen euro. Samen krijgen BPI en Banco Popolare di Verona e Novara een marktwaarde van 15,5 miljard euro. De twee instellingen tellen bij elkaar 2,4 miljoen klanten en hebben een kleine 2200 filialen. De fusie moet vanaf 2010 een jaarlijks synergievoordeel opleveren van 500 miljoen euro.