Jef Braeckevelt neemt roer van Lotto-ploeg in handen

WAREGEM -

De zoektocht naar een opvolger voor Jean-Luc Vandenbroucke heeft minder lang geduurd dan de kalvarie om een co-sponsor te vinden ter vervanging van Mobistar. De bazen van de Nationale Loterij vertrouwen hun renners vanaf nu toe aan het duo Jef Braeckevelt - Ferdi Van den Haute. Vooral Jef kent het Lotto-huishouden door en door. Hij is er al elf jaar adjunct-ploegleider.

André Putzeijs

BR>Jef Braeckevelt ploegleider van een ploeg uit de wereldtop. De ploeg met de winnaar van de Wereldbeker in haar rangen. De enige belangrijke wielergroep van dit wielerland. Het is geen evidentie.

Tot drie jaar geleden was Braeckevelt postbode. Renner is hij nooit geweest, terwijl zowat al zijn collega's uit de topteams een loopbaan als beroepsrenner achter de rug hebben. Zoals een bakker geen voetbalploeg uit eerste nationale traint, zo zoekt een sponsor niet meteen een postbode om met een dure wielerploeg Europa in te trekken. Maar Lotto doet het toch en voor wie Braeckevelt kent, kan dat geen verrassing zijn. Van alle actuele sportbestuurders heeft de man die ondanks zijn royale lichaamsgewicht door heel de wielerwereld Jefke wordt genoemd, met kilometers voorsprong de meeste ervaring. Bovendien ligt hij bijzonder goed bij zijn renners, die voor hem door een vuur gaan waar ze voor VdB met een grote boog omheen zouden lopen.

"Ik ben niet verbaasd dat de directeurs van de Nationale Loterij mij al een hele tijd geleden hebben gevraagd of ik het zag zitten om over te nemen van Vandenbroucke", aldus Braeckevelt. "Wat ik de laatste jaren deed, was nauwelijks minder dan Jean-Luc. Hij beheerde het geld en de administratie, maar ik was meer dagen met de renners onderweg dan hij. Bij belangrijke overwinningen zat ik achter het stuur.

In mijn ogen is er trouwens geen verschil tussen een eerste en een tweede ploegleider. Ze zijn allebei even belangrijk. En zo zie ik ook de taak van Ferdi Van den Haute. Voor ik heb toegestemd, heb ik dus eerst met hem gepraat. Hem gevraagd of hij dezelfde wedstrijden wil volgen als vorig jaar plus rittenkoersen op een moment waarop ik elders aan de slag ben. Ferdi ging akkoord, ik zag dus geen reden om niet ja te zeggen tegen het aanbod.

Neen, ik ben niet bang voor de opdracht. Er is geen wedstrijd of ik heb ze een keer of tien gereden. In de volgwagen. Ik ken elke berg, elke kasseistrook in Europa. En ik ken onze renners. Waarom dan niet met vertrouwen aan de opdracht beginnen? Christophe Sercu neemt de volledige administratie voor zijn rekening, Ferdi en ik kunnen ons 100 procent concentreren op het sportieve gebeuren."

Hoe dat werk in mekaar zit, weet Braeckevelt van haver tot gort. Hij staat dan ook al sinds 1964 middenin de pelotons. Niemand doet beter.

Braeckevelt: "Renner ben ik nooit geweest. Of toch, drie dagen. Ik zat als intern bij de

pasters

in Moeskroen, mijn vader was bestuurslid van SV Meulebeke. Dat was toen samen met Lierse BC de beste wielerclub van het land. Via vader geraakte ik in de ban van de wielersport. Maar koersen mocht niet. Drie keer heb ik niet geluisterd en meegereden op de fiets van een schoolkameraad. Toen was

't spel

uit. Thuis kwamen ze er achter en ik was een brave jongen. Dus was mijn carrière op de fiets voorbij."

Enkele jaren later begon zijn loopbaan als ploegleider.

"Ik was maar 17 en moest iemand zoeken om met de volgauto te rijden, toen ik met Meulebeke naar de

Omloop der Negen Provincies

trok. Zo kwam ik in contact met iemand uit het Noord-Franse Orchies. Hij vroeg me om de ploeg onafhankelijken van sponsor

Leroux

te leiden. Fonske De Bal was mijn kopman, ik bleef er drie jaar.

Daarna kwamen twee seizoenen bij de ploeg

Etalo

. In de eerste week van het seizoen waren mijn mannen tweede in Kuurne en Ichtegem en wonnen we bijna de Omloop Het Volk. Dat werd opgemerkt door Albert De Kimpe. Hij haalde mij binnen als zijn adjunct bij

Groene Leeuw

. Onze samenwerking duurde jaren."

Na

Groene Leeuw

werkte het gewichtige duo De Kimpe - Braeckevelt voor

Watney's

, daarna voor

Maes Pils

en

Mini Flat

. In 1978 werd zowaar één van hun renners uit het derderangs ploegje

Avia

bijna wereldkampioen. Op de Nürburgring stond de Deen Marcussen als derde op het podium naast Knetemann en Moser.

"Daarna heb ik De Kimpe een tijdje verlaten", aldus Braeckevelt. "Bij het Franse

La Redoute

werd ik adjunct van Crépel en Geminiani. Ik leidde er Bernard Thévenet op als ploegleider. Van 1979 tot 1985 coachte ik er o.a. Stephen Roche, Alban, Bazzo, Vallet, Martinez. Plus Ferdi Van den Haute en... Jean-Luc Vandenbroucke.

Na zeven jaar scheiding kwam De Kimpe weer aankloppen om hem bij te staan bij

Hitachi

. Albert kwam steeds minder naar de wedstrijden, eigenlijk was ik vaak de eerste man. Met Criquielion wonnen we de Ronde van Vlaanderen, de Midi Libre, de Ronde van Romandië. Claudy was ook vijfde in de Tour."

En dan begon, in 1989, het verhaal Lotto. Officieel op de tweede rij, bij tientallen gelegenheden als feitelijke nummer één. De beslissing van de Lotto-directie is eigenlijk maar een bevestiging van een reeds ten dele bestaande toestand. En dus geen verrassing.