VN noemen clusterbommen in Libanon "immoreel"

Print
VN-coördinator voor humanitaire hulp, Jan Egeland, heeft het gebruik van clusterbommen door Israël in de laatste drie oorlogsdagen in Libanon als "immoreel" omschreven.
Hij waarschuwde er voor dat tot 100.000 schrapnels van deze bommen nog niet ontploft zijn en in Zuid-Libanon een gevaar voor de mensen vormen.
Bijzonder "schokkerend" en "absoluut immoreel" is dat de Israëlische luchtmacht 90 procent van die clusterbommen in de laatste 72 uur van het conflict heeft afgeworpen, aldus Egeland woensdag in New York.

Op dat ogenblik was het duidelijk dat een VN-resolutie klaar lag en dat de vijandige schermutselingen ten einde liepen. De clusterbommen zijn nu over een groot gebied verspreid en zulllen "nog vele maanden, wellicht nog vele jaren een gevaar vormen voor de bevolking", zei Egeland. "Dagelijks raken mensen door deze wapens gehandicapt, gewond of worden gedood. Dit had nooit mogen gebeuren".

Een clusterbom of fragmentatiespringtuig bevat een heleboel explosieve projectielen ter grootte van een conservenblik, die over een grote oppervlakte worden verspreid. Ze worden gebruikt om vanop lage hoogte vijandelijke troepenconcentraties uit te schakelen. De tuigen zijn controversieel omdat onontplofte springtuigen een gevaar blijven vormen voor de burgerbevolking, vooral kinderen. Het Belgische leger haalde eind 2002 zijn clusterbommen voor vliegtuigen uit dienst.