Halfzus gevonden op 73-jarige leeftijd

Print
Even is er twijfel, verwarring en stilte. Dan volgt de herkenning en sluit Roosendaler Bob Schoenmakers voor het eerst in zijn 73-jarige leven zijn halfzus Wilma (71) in de armen. Tranen rollen over vier gerimpelde wangen.
Wangen van twee mensen die, hoewel door bloed verwant, elkaar nog nooit eerder mochten zien. "Oh Bobby, my brother," stamelt Wilma.

Bob Schoenmakers was een buitenechtelijk kind. Hij kwam ter wereld in het voorjaar van 1933 in Rotterdam als zoon van een streng gereformeerde vader en een katholieke moeder. Zijn vader en moeder heeft hij nooit gezien. De enige familieleden met wie hij in die tijd wel contact had waren zijn grootouders. En die vertelden hem op dat zijn vader nog twee dochters had bij zijn eigen vrouw. Die dochters - Wilma en Ineke - waren pas geboren ná het slippertje van Schoenmakers' vader met zijn secretaresse.
Later ontdekte hij dat zijn vader met zijn twee halfzussen nog in Breda gewoond had en daar ook gestorven was. "En ik kwam erachter dat mijn jongste halfzus Ineke met ene Eijkeboom getrouwd was."

Schoenmakers belde een aantal Eijkebooms en stuitte zo op een zwager van zijn halfzus. Die wist te vertellen dat zijn broer met Ineke al in de jaren zeventig naar Canada was geëmigreerd. "Drie jaar geleden vond ik Ineke en die wist natuurlijk ook waar Wilma was: in de Verenigde Staten, waar zij al sinds 1967 woonde."
Schoenmakers schreef zijn beide halfzussen brieven en kreeg brieven terug. Foto's werden uitgewisseld en de afspraak werd gemaakt dat beide zussen naar Nederland zouden komen.
Gisteren was het zover. Althans, wat Wilma betreft. Ineke moest door omstandigheden thuis in Canada achterblijven.