Rapport bevestigt Europese medewerking aan CIA-vluchten

Print
14 Europese landen hebben met de Verenigde Staten samengewerkt in de zaak van de CIA-vluchten. België is daar niet bij. Dat is de hoofdconclusie van het rapport dat de Zwitserse parlementariër Dick Marty in opdracht van de Raad van Europa heeft opgesteld.
De BBC had dinsdag al inzage in delen van dat rapport. Andere conclusie van Marty: in Oost-Europa bevinden of bevonden zich twee geheime CIA-gevangenissen. De Zwitser wijst ter zake met de beschuldigende vinger naar Polen en Roemenië. De twee landen hebben dit steeds ten stelligste ontkend. Marty concludeerde dat er talrijke vluchten met gevangenen hebben plaatsgevonden en dat haast geheel Europa "als een spinnenweb" werd aangedaan.

Toen Marty in januari zijn voorlopige conclusies over de geheime CIA-activiteiten in Europa bekendmaakte, reageerde de Verenigde Staten nog verbolgen. Er bestaat geen systeem van outsourcing van foltering, beweerde Washington. Maar in zijn eindrapport noemt Marty man en paard. Spanje, Turkije, Duitsland en Cyprus worden genoemd als "vooruitgeschoven posten" in het gevangenentransport, terwijl Ierland, Griekenland en Groot-Brittannië de tussenstops voor de CIA-vluchten verzorgden. Londen wordt er voorts van beschuldigd, informatie over Britse onderdanen te hebben doorgespeeld aan de Amerikaanse geheime dienst.

Andere bij de zaak betrokken landen zijn Italië, Zweden, Bosnië-Herzegovina en Macedonië. De BBC meldde dat Marty zich baseert op de vluchtplannen van Europese verkeersleiders.