EU-Commissie moderniseert en versoepelt regels audio-visuele media

De Europese Commissie heeft een voorstel klaar om de bijna twintig jaar oude 'Televisie zonder grenzen-richtlijn' aan te passen. De aanpassing houdt rekening met de nieuwe media, het ruimere aanbod en de "wil tot deregulering". Een opvallende wijziging is dat tv-zenders moeten informeren over het gebruik van merkproducten in programma's, zogenaamde product placement.

Belga

De noodzaak van een herziening van de gekende richtlijn kan makkelijk aangetoond worden: in 1989 waren er in de EU zo'n 50 belangrijke TV-zenders, nu meer dan 1.500. Tegelijk is er de enorme bloeit van het aanbod via andere kanalen, al dan niet 'on demand'. Die nieuwe media zijn niet zo goed te beheersen, en de Commissie beperkt dan ook de eisen. Ze mogen niet oproepen tot haat, kinderen moeten beschermd worden, er mag niet zomaar reclame worden gemaakt voor alcohol of tabak...

Televisie heeft een veel grotere maatschappelijke impact en daarom zijn daar meer uitgewerkte regels nodig, aldus eurocommissaris voor media Viviane Reding. De regels over de maximale uitzending van reclame worden wel versoepeld; zo kunnen zenders meer zelf bepalen wanneer ze reclame uitzenden.

De vernieuwde richtlijn zou voor het eerst regels omvatten over product placement: het gebruik van merkproducten in tv-series om zo die merken bekend te maken bij de kijkers/consumenten. Het belangrijkste voor de Commissie is dat de kijker op voorhand geïnformeerd wordt over de aanwezigheid van product placement, de lidstaten mogen zelf bepalen hoe. Tabak en geneesmiddelen worden uitgesloten van product placement. Deze marketingtechniek mag niet gebruikt worden in actualiteit- of kinderprogramma's.

De tekst van de Commissie verhuist nu naar het Parlement en de Raad (lidstaten).