EPO in de Tour 1999: Franse pers komt met nieuwe namen

De Spanjaard Manuel Beltran, de Colombiaan Jose Joachim Castelblanco en de Deen Bo Hamburger zijn in de Tour de van France van 1999 betrapt op het gebruik van EPO. Dat schrijft de Franse krant le Journal du Dimanche.

Belga

De nieuwe onthullingen kaderen in het onderzoek door het dopinglab van Châtenay-Malabry in 2004, dat vorige maand openbaar werd gemaakt door de Franse sportkrant L'Equipe. In de Tour van 1999 zouden in totaal 12 positieve urinestalen zijn afgeleverd. Zes daarvan zouden afkomstig zijn van zevenvoudig Tourwinnaar Lance Armstrong, van wie de andere zes waren, werd toen niet meegedeeld. Le Journal du Dimanche meent nu te weten dat het gaat om Manuel Beltran (een ploegmaat van Lance Armstrong bij Discovery Channel) en de ondertussen oud-renners Jose Joachim Castelblanco en Bo Hamburger. Hoeveel stalen afkomstig zijn van de drie renners preciseert de krant niet.

De urinestalen werden in 1999 niet getest op het gebruik van EPO. Onderzoek op het gebruik van bloeddoping gebeurde pas voor het eerst bij de Olympische Spelen van 2000 in Sydney en in de Tour van het jaar daarna. Het dopinglab van Châtenay-Malabry wilde in 2004, samen met het Wereldantidopingagentschap (WADA), de EPO-test verfijnen en besloot daarom de bevroren urinestalen van de Tour van 1999 nog eens te onderzoeken, met het gekende resultaat tot gevolg.

Volgens de internationale wielerunie (UCI) kunnen de nieuwe feiten niet gebruikt worden om een tuchtprocedure op te starten, omdat ze kaderen in een wetenschappelijke studie en niet in een antidopingcontrole.