Amnesty meldt buitensporig geweld tegen vrouwen in Azië

Geweld tegen vrouwen was vorig jaar in Azië aan de orde van de dag, zegt Amnesty International in zijn jaarlijkse rapport over de mensenrechten in de wereld.

AP Ned

Om een paar voorbeelden te noemen: in Bangladesh werden vrouwen en meisjes met zuur overgoten, in China werden vrouwen tot abortus gedwongen en in Nepal werden vrouwen verkracht door soldaten.

Er is vrijwel geen land in Azië dat niet voorkomt op Amnesty's lijst van landen waar vrouwen worden achtergesteld of geconfronteerd met geweld. "Geweld tegen vrouwen is alomtegenwoordig", zei Rob Godden, regionaal coördinator van Amnesty, op een persconferentie in Hongkong.

In het rapport wordt lang stilgestaan bij Afghanistan. De omverwerping van het ultraconservatieve Taliban-bewind in 2001 heeft weinig verbetering gebracht in de positie van Afghaanse vrouwen. De vrees door gewapende groepen te worden ontvoerd bindt vrouwen aan huis. En ook binnenshuis zijn zij alles behalve vrij en dikwijls het slachtoffer van geweld. In alle Afghaanse regio's, maar met name in de westelijke provincie Herat, hebben honderden vrouwen zichzelf in brand gestoken om aan huiselijk geweld of een gedwongen huwelijk te ontkomen.

In Bangladesh werden tussen januari en oktober 2004 153 vrouwen met bijtend zuur aangevallen, meestal na ruzies over een bruidsschat of de weigering van vrouwen om met iemand te trouwen of seks te hebben. In Nepal wordt vaak melding gemaakt van verkrachting door militairen en mishandeling van vrouwen door familieleden.

In China worden nog steeds vrouwen tot abortus gedwongen of gesteriliseerd in het kader van het één-kindbeleid. In het rapport wordt het geval beschreven van Mao Hengfeng, die achttien maanden werkkamp kreeg omdat ze de overheid bleef bestoken met petities over een abortus waar zij vijftien jaar geleden toe was gedwongen. Ook worden in China nog steeds veel meisjesbaby's - illegaal - geaborteerd, waardoor al een jongensoverschot is ontstaan.

India moet nog steeds wetgeving aannemen om huiselijk geweld te kunnen aanpakken, zei Amnesty. En de rapporten die India al lang aan de VN-commissie voor het Uitbannen van Discriminatie van Vrouwen had moeten opsturen zijn in 2004 weer niet overgedragen. In Pakistan komen nog steeds veel "eremoorden" voor. In 2004 ging een stamraad zo ver een meisje van 7 ter dood te veroordelen voor een illegale relatie met een jongetje van 8. Haar vader verzette zich tegen het vonnis en de overheid kwam tussenbeide om het meisje te beschermen.

Amnesty heeft in zijn rapport Australië aan Azië gebonden. Volgens de organisatie bracht een VN-onderzoek in oktober aan het licht dat 36 procent van de vrouwen in dat land geweld te verduren heeft gehad in hun relatie en dat huiselijk geweld de voornaamste oorzaak is van voortijdige dood en gezondheidsproblemen onder vrouwen tussen de 15 en 44.