Tsjechische premier overleeft motie van wantrouwen

Print
De centrum-linkse regering van de Tsjechische premier Stanislav Gross heeft vrijdag een motie van wantrouwen overleefd. De motie kwam er nadat eerder bekend werd dat Gross betrokken was geraakt bij een financieel schandaal.
De onthouding van het communistische blok, dat 41 zetels telt in het parlement, trok de regering over de streep. Dat verscheidene parlementsleden ziek thuis bleven, was eveneens een opsteker voor Gross. De rechtse oppositie, die de motie had ingediend, strandde op 23 stemmen van de benodigde 101 om de acht maanden oude regering ten val te brengen.

Woensdag stapten de christen-democraten (KDU-CSL) uit de regering omdat de sociaal-democratische premier (CSSD) bij een immobiliënaffaire betrokken geraakt was. Ze besloten zich terug te trekken uit de in 2002 opgerichte alliantie. Daarmee verloor de 35-jarige Gross zijn meerderheid in het parlement en moet de CSSD samen met de liberalen (US-DEU) de parlementsverkiezingen van juli 2006 zien te halen.
De uitslag van de motie van wantrouwen geeft de regering nu wel groen licht om werk te maken van onder andere de promotie van de Europese grondwet en de verkoop over enkele dagen van de staatsgecontroleerde telecommaatschappij Cesky Telecom aan de Spaanse reus Telifonica, die deze week een bod deed van 3,59 miljard dollar.