Bende van den Dikke: Leider bekent slechts één van de elf overvallen

Voor de correctionele rechtbank van Antwerpen is woensdag het proces van de 'Bende van den Dikke' voortgezet. De 32-jarige Said E.H. (El-Hajouti) ontkende met klem zijn vermeende leiderspositie. Hij zou alleen maar het wapen en het voertuig geleverd hebben waarmee de laatste overval gepleegd werd. De man riskeert de maximum celstraf van tien jaar.

Belga

Tussen 29 september 2003 en 14 maart 2004 pleegde de jongerenbende elf gewapende overvallen op grootwarenhuizen en fastfoodrestaurants in Antwerpen en omstreken. Ze zorgden hiermee voor een ware angstpsychose onder de bevolking. Maar een hold-up op het Chinese restaurant Swatow in Deurne deed de bende uiteindelijk de das om. Tijdens de zitting van vorige week hadden de andere bendeleden met een beschuldigende vinger richting Said E.H. gewezen. Hij was de 'grote man' die alle overvallen plande, voor de wapens zorgde en het vluchtvoertuig bestuurde. Said E.H. had hen bovendien onder druk gezet om deel te nemen aan de hold-ups, zo luidde het. Als ze durfden te protesteren, dreigde hij er mee hen in de knie te schieten. Ook na zijn aanhouding was hij de anderen blijven intimideren. Hij bedreigde hen zelfs met de dood als ze hun verklaringen over hem niet zouden intrekken.

Maar volgens de advocaat van Said E.H. is dat allemaal onzin. "Said E.H. is de schietschijf van zowel het openbaar ministerie als van zijn medeverdachten. Ze proberen hem dingen in de schoenen te schuiven die hij niet gedaan heeft. De andere beklaagden doen dit om strafvermindering te krijgen en het openbaar ministerie om een grote zondebok naar voren te kunnen schuiven", pleitte hij. Said E.H. ontkende in alle toonaarden dat hij aan het hoofd van de bende stond en alle overvallen georchestreerd had. Hij was naar eigen zeggen pas eind februari 2004 via zijn neef Mohamed in contact gekomen met de bendeleden. Ze hadden hun voertuig en vuurwapens na één van de overvallen noodgedwongen moeten achterlaten en vroegen aan Said E.H. om voor hen een nieuw wapen te versieren. Iedereen wist dat hij een strafblad had en dat hij de juiste mensen kende om zulke zaakjes geregeld te krijgen. Op 14 maart 2004 had hij met de bende afgesproken aan het De Bisthovenplein in Deurne. Ze wilden die avond een Chinees restaurant overvallen. Hij overhandigde hen het wapen, maar daarmee was hun vervoersprobleem nog niet opgelost. Ze vroegen hem daarom of ze zijn wagen niet even mochten lenen voor de overval. Aangezien het de auto van zijn zus was, liet hij zich overhalen om zelf naar het restaurant te rijden. Meer heeft hij naar eigen zeggen niet gedaan.

De verdediging wees de rechtbank ook op de DNA-resultaten. "Als mijn cliënt altijd het vluchtvoertuig bestuurd had, waarom zijn er dan geen DNA-sporen van hem in die eerste wagen aangetroffen?", vroeg zijn advocaat zich af. Hij voerde ook aan dat Said E.H. op het hoogtepunt van de overvallenplaag niet eens had kunnen rijden, omdat hij in december 2003 aan zijn hand was geopereerd. De rechtbank heeft de zaak in beraad genomen voor uitspraak op 19 april.