Federale Politie vindt politiestatistieken wel betrouwbaar

De cijfers van de geregistreerde criminaliteit die gevat en verspreid worden door de geïntegreerde politie zijn nog nooit zo volledig geweest, zo stelt de Federale Politie.

Belga

Bovendien beschikt de nationale gegevensbank over zeer volledige cijfers van 2000, 2001, 2002 en 2003. Vergelijkingen tussen deze jaren zijn dus mogelijk.

Dat zegt woordvoerster Els Cleemput van de federale politie. Ze reageert daarmee op een bericht in De Standaard, gebaseerd op een artikel in het tijdschrift Panopticon, waaruit moet blijken dat de politiestatistieken over de geregistreerde criminaliteit in een chaos verkeren. De politie en politici maken beter geen misdaadcijfers meer bekend, want die zijn onbetrouwbaar, luidt het.

"Van chaos is geen sprake", zegt Cleemput. De gegevensverwerking verloopt zeer goed omdat ten eerste bij de politiezones en bij de Algemene Nationale Gegevensbank aan kwaliteitscontrole wordt gedaan. Ten tweede wordt permanent gecheckt om dubbele vattingen te vermijden en ten derde worden steeds dezelfde bronnen en criteria gebruikt.

Cleemput wijst er ook op dat minister van Binnenlandse Zaken Patrick Dewael en de chef van de federale politie Herman Fransen in december gemeld hebben dat er voor enkele fenomenen dalende trends zijn vastgesteld en dat die trends deels verklaard kunnen worden door het werken met veiligheidsplannen. "Nooit is gesteld dat 'dé criminaliteit daalt'", luidt het.

Eind vorig jaar beschikte de federale politie over 96 procent van de geregistreerde cijfers. Op basis daarvan is bij een paar fenomenen een dalende trend vastgesteld die zo groot is dat die daling in principe niet meer kan worden omgebogen in een stijging. "Die daling vermelden is dus absoluut niet onverantwoord, maar is gewoon een kwestie van correcte berichtgeving", stelt de woordvoerster.

Nog volgens Cleemput is een vergelijking met de cijfers van de parketten op federaal niveau niet mogelijk. Wellicht kan dit wel op arrondissementeel niveau. De kritiek op de deugdelijkheid van de lokale en nationale veiligheidsplannen noemt ze onterecht. Bij het opstellen ervan wordt maar in beperkte mate rekening gehouden met de statistieken, luidt het.

Voorts is het volgens Cleemput ongenuanceerd te stellen dat je de ophelderingsgraad van alle fenomenen kan bepalen. Tot slot meldt ze dat de federale politie sinds 2003 een performant, eenvormig registratiesysteem gebruikt waarmee de activiteitsgraad zonder problemen kan worden gemeten.