Belgisch team moet tevreden zijn met derde plaats

Print
INDAIATUBA - Geen hattrick voor de Belgen: na de zeges in Nismes ('97) en Foxhill ('98) was het gisteren de beurt aan Italië. De jongens van Joël Robert moesten tevreden zijn met de derde plaats. En dat kwam hard aan, de ontgoocheling was groot. Joël Smets had de tranen in de ogen toen hij voor de zoveelste keer dit seizoen naar de kant moest met een haperende motor. «Dit ding is vervloekt,» zuchtte hij. «Het is heel spijtig dat je een wedstrijd zo moet verliezen.»
BR>Stefan Everts baalde: «Ik wilde zo graag een wereldtitel pakken. Ja, dit is een grote ontgoocheling.»

Joël Robert gaf zijn jongens een schouderklopje. «Volgend jaar pakken we die trofee terug,» probeerde hij Everts en co een beetje op te monteren. Patrick Caps zat bedroefd in een hoekje. Hoofd tussen de handen, blik op oneindig. Hij voelde zich schuldig. «Ik had zoveel verwacht van deze wedstrijd en dan zo'n slechte resultaten,» zuchtte hij. «In de eerste reeks kom ik heel goed weg, maar ga ik in de eerste ronde twee keer tegen de grond. De tweede reeks ben ik goed op dreef, maar plots gaat er voor mij iemand tegen de grond. Ik kon hem, net als een viertal andere piloten, niet meer ontwijken. Vervolgens begin ik aan een remonte, heb de 16de plaats nog binnen bereik, maar dan gaat mijn rem kapot. Het geluk was niet echt aan mijn zijde vandaag. Verdomme toch...»

Taktiek


Stefan Everts liet gisteren wel weer zien dat hij op dit moment de beste motorcrosser ter wereld is. «Pff, daar ben ik vet mee. Die twee reekszeges maken me echt niet blij hoor. Ik had zo mijn zinnen gezet op deze Naties. Ja, die derde plaats komt hard aan. Ik dacht echt dat het in kannen en kruiken was de laatste reeks. We zaten allebei in de top drie en waren Bartolini aan het opjagen. Ik dacht dat Joël me met opzet liet passeren, zodat ik Barto kon aanvallen. Ik had pas op het einde van de reeks door dat er iets mis was. Mijn mecanicien gaf me geen teken dat de zege binnen was. Toen viel mijn frank pas. Tjonge, ik vind dit zo erg voor Joël. Hij heeft er zo hard voor geknokt en dan weer die pech. Ongelooflijk.»
Joël Smets liep er maar mistroostig bij. «Tja, wat kan ik nog zeggen. Dit is gewoon een vervloekt jaar. De eerste reeks ging echt fantastisch. Ik barstte van vertrouwen, ik kon wel door een muur gaan. Zo sterk voelde ik me. En onze taktiek werkte perfect bij de start van de laatste reeks. Stefan pakte de binnenkant, ik ging buitenom en we kwamen twee en drie uit de eerste bocht. Beter kon haast niet. We reden samen met Bartolini zo van de rest weg. En dan liep het mis. Ik denk dat er een steen tegen mijn tank is gevlogen en zo het darmpje heeft losgerukt. Kan je je dat voorstellen? Ik niet. Ik zag de naft er zo uitlopen. De tranen sprongen me in de ogen. Waarom toch? Als alle tegenslag van dit jaar volgend seizoen omslaat in geluk, dan komt er voor mij een reuzenseizoen aan. 1999 is een jaar om zo snel mogelijk te vergeten. We hebben het zelfs niet in schoonheid kunnen beëindigen. Enige positieve noot: de Italianen moeten vanavond de party betalen.»