Amerikaanse leger piekerde over homo-erotische liefdesbom

Een bom die homoseksuele gevoelens uitlokt bij vijandige soldaten? Of die verhoogde flatulentie of een stinkende adem tot gevolg heeft? Het lijken scenario's voor een aflevering van de legendarische comedy Monty Python, maar het waren volgens de Britse openbare omroep BBC denkpistes voor een nieuwe generatie wapentuig die het Amerikaanse leger in een niet zo ver verleden in overweging heeft genomen.

Belga

In het midden van de jaren negentig, meldt de BBC op haar webstek, brainstormden ijverige lui op het Amerikaanse ministerie van Defensie over verscheidene niet-dodelijke chemicaliën die de discipline en het moreel van vijandige troepen zouden kunnen ondermijnen. De voorstellen waren bestemd voor een zes jaar durend project dat uiteindelijk nooit het daglicht zou zien.

The Sunshine Project, een organisatie die onderzoek naar chemische en biologische wapens in de gaten houdt, wist de hand te leggen op de plannen. Een van de blikvangers is de zogenaamde 'love bomb', een bom met een lustopwekkende stof die de vijandige linies tot homoseksueel gedrag moest aanzetten. Volgens de militairen zou het tuig het moreel van de vijand "een smakeloze, maar niet-dodelijke" klap toebrengen.

Even vindingrijk was de suggestie om bommen te vervaardigen die de vijand met een slechte adem of extreme winderigheid (de Who? Me?-bom) zouden opzadelen. Over de ontwikkeling van dat laatste wapen dachten vorsers reeds sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog na, maar uiteindelijk liet men het idee varen omdat "de mensen in grote delen van de wereld niet zoveel aanstoot nemen aan die geur".

Kapitein Dan McSweeney van de Joint Non-Lethal Weapons Directorate in het Pentagon bevestigde aan de BBC dat het ministerie "honderden" projectvoorstellen ontvangt, maar dat "geen enkele van de systemen uit het voorstel uit 1994 verder ontwikkeld zijn". De researchers van het Amerikaanse leger ontwikkelen volgens de kapitein enkel plannen die gepast lijken, op basis van een streng onderzoek naar de effecten op de mens en hun verenigbaarheid met het internationale recht.