Sharon geeft leger opdracht strijd tegen extremisten op te voeren

De Israëlische premier Ariel Sharon heeft het leger opdracht gegeven de strijd tegen Palestijnse extremisten op te voeren. Sharon zei zondag dat het leger zonder beperkingen zijn gang zal gaan, zolang de Palestijnse leiders niet zelf tegen de extremisten in actie komen.

AP Ned

Sharon nam zijn besluit nadat een Palestijnse aanslag en andere geweldsincidenten een eind hadden gemaakt aan de optimistische stemming die ontstond toen de Palestijnen de als gematigd geldende Mahmoud Abbas vorige week tot hun nieuwe leider kozen. Israël heeft geëist dat de zaterdag beëdigde Abbas optreedt tegen de extremisten. Abbas weigert echter geweld te gebruiken en zegt de extremisten door onderhandelingen tot een staakt-het-vuren in het geweld tegen Israël te willen bewegen.

Na de Palestijnse verkiezingen van vorige week zondag zag het er nog naar uit dat een ontmoeting tussen Sharon en Abbas niet lang op zich zou laten wachten, maar nadat een Palestijnse aanslag bij een grensovergang tussen Israël en de Gazastrook donderdag aan zes Israëlische burgers het leven had gekost verbrak Sharon het contact met Abbas. Volgens Sharon had Abbas de aanslag moeten voorkomen. Zaterdag schoot het Israëlische leger bij acties in de Gazastrook acht Palestijnen dood. Bij een Palestijnse raketaanval op de Israëlische grensplaats Sderot raakte een tienermeisje levensgevaarlijk gewond. Zondag schoten leden van de Hamas nog eens twee zelfgemaakte raketten op Sderot af. Volgens het Israëlische leger hebben Palestijnse extremisten in de Gazastrook de afgelopen twee weken in totaal zo'n tweehonderd aanvallen uitgevoerd op Israëlische doelen. Gewoonlijk zijn dat er gemiddeld veertig per week.

Hoge legerfunctionarissen zeiden dat het leger moet kiezen of het een grootscheeps offensief zal uitvoeren in de Gazastrook, dan wel een aantal kleinere operaties die specifiek zijn gericht tegen extremisten. De tweede mogelijkheid geniet volgens hen de voorkeur, omdat een groot offensief het Abbas wel heel moeilijk zou maken. De Palestijnse minister van buitenlandse zaken Nabil Shaath veroordeelde het Israëlische besluit tot militair optreden. "Terwijl Abu Mazen (Abbas, red.) zegt dat hij hard zal werken om weer op het vredespad te geraken, kondigt Sharon militaire escalatie aan", zei hij. "Ik ben bang dat Sharon zal zeggen dat Abu Mazen in de voetsporen van (zijn voorganger Yasser, red.) Arafat treedt en dat hij daarom niets met Abu Mazen te maken wil hebben."

In de toespraak bij zijn beëdiging veroordeelde Abbas zaterdag het Israëlisch-Palestijnse geweld. Hij riep op tot een onmiddellijk staakt-het-vuren en zei dat hij zijn hand in vrede naar Israël uitsteekt. Sharon en andere Israëlische regeringsvertegenwoordigers noemden de toespraak teleurstellend, omdat Abbas niet zei hoe hij een eind denkt te maken aan het Palestijnse geweld tegen Israël.

"Ondanks de verandering in het Palestijnse leiderschap zien we dat er aan de top geen enkele actie is ondernomen om een eind te maken aan het terrorisme", zei Sharon zondag. "Deze situatie kan niet voortduren." Niet iedereen in de regering denkt er zo over.

Minister van milieu Shalom Simhon, van de onlangs tot de regering toegetreden Arbeidspartij, zei dat Abbas nog niet lang genoeg aan de macht is om het terrorisme te kunnen aanpakken.