Campagne maakt ouders attent op slaapregels voor kinderen

Wanneer een kind slecht slaapt, is dit in 80 procent van de gevallen te wijten aan een gedragsprobleem. Minder dan 20 procent van de slaapproblemen heeft een lichamelijke oorzaak. Daarom heeft de Belgische Vereniging voor Kindergeneeskunde een informatiebrochure uitgegeven die ouders moet sensibiliseren voor de basisregels in verband met de slaap van hun kind.

Belga

"Veel gezinnen beleven moeilijke nachten. Die leiden vaak tot spanningen binnen het gezin en hebben een belangrijke impact op het leerproces en de schoolprestaties van het kind", onderstreepte dokter Groswasser maandag. Groswasser is hoofd van de slaapkliniek van het Universitair Kinderziekenhuis Koningin Fabiola (UKZKF).

"Een groot deel van de slaapproblemen van een klein kind vloeien voort uit een foutieve perceptie van de ouders over de slaapbehoeften en over de optimale slaapomstandigheden van het kind. Het is bijvoorbeeld normaal dat een baby om de 60 à 90 minuten wakker wordt. Daarna slaapt het kind vanzelf weer in, maar als de ouders te snel tussenkomen, lopen ze het risico het opnieuw inslapen te verhinderen. En daardoor zal het kind niet meer alleen opnieuw in slaap kunnen vallen", legtdokter Groswasser uit. De brochure, die verspreid zal worden via kinderdagverblijven, kinderartsen en ziekenhuizen, wil concrete antwoorden geven op vragen van ouders over de rol van de omgeving, de timing van het slapen gaan, de temperatuur van de kamer, het bedritueel enzovoort.

Volgens een enquête die uitgevoerd werd door Procter & Gamble, fabrikant van huishoudproducten, bij 402 ouders van kinderen tussen 0 en 24 maanden oud, valt 90 pct van de baby's in slaap in minder dan 30 minuten. Meer dan de helft (57 pct) slaapt een volledige nacht nog voor ze drie maanden oud zijn en 83 pct binnen de zes maanden.

De doeltreffendste manieren om een kind te doen inslapen, zijn: een fopspeen geven (75 pct), eten geven (74 pct), een liedje zingen (54 pct), het kind een badje geven (49 pct). Wandelen (27 pxt), wiegen (27 pct) en een verhaaltje vertellen (18 pct) lijken minder effect te hebben.

Uit de enquête blijkt ook dat 51 procent van de ouders - en 75 procent van de Nederlandstalige ouders - nooit geprobeerd heeft een verhaaltje te vertellen aan hun kind. "Het is echter normaal om geen verhaaltjes voor te lezen aan een kind onder de zes maanden. De enquête is misschien niet genoeg opgedeeld in functie van de leeftijd van de kinderen", aldus dokter Groswasser. De enquête geeft voorts aan dat twee ouders op tien bij hun baby blijven tot hij inslaapt. "Dat is een gevaarlijk gedrag, omdat het belangrijk is dat een kind snel leert om alleen in te slapen", zegt Groswasser daarover.

Elementen die volgens de enquête de slaap van het kind kunnen verstoren, zijn: tandjes die uitkomen (60 pct), hoesten of een lopende neus (58 pct), honger of dorst (52 pct), een vuile luier (44 pct), lawaai (36 pct), te hoge of te lage kamertemperatuur (21 pct).

Dertig procent van de ouders heeft een beurtrol voor als het kind wakker wordt. Meer dan een derde van de ouders (37 pct) slaapt minstens zes uur aan één stuk, bij 30 pct van hen is dat acht uur. Bijna de helft (47 pct) van de ouders klaagt over vermoeidheid tijdens de dag, 15 procent van hen is constant moe. Twaalf procent zegt concentratieproblemen te hebben op het werk.

Uit de enquête blijkt ten slotte ook dat het medische korps met 68 procent (78 pct voor de Franstaligen en 59 pct voor de Nederlandstaligen) de belangrijkste informatiebron is voor ouders over de slaap van hun kind. Familie volgt met 61 procent. Andere informatiebronnen zijn boeken en magazines (45 pct), vrienden (33 pct), websites (27 pct) en de kinderkribbe (22 pct).