Uitspraken De Gucht blijven voor deining zorgen

Minister van Buitenlandse Betrekkingen van de Waalse en Franse gemeenschapsregering, Marie-Dominique Simonet (cdH), heeft maandag de "gewaagde" verklaringen van federaal minister van Buitenlandse Zaken Karel De Gucht over de Congolese leiders betreurd. CD&V-fractieleidster in de Senaat Sabine de Bethune vindt dat de onvoorzichtige uitspraken van De Gucht de rol van België in het vredesproces hypothekeren.

Belga

"Door in Congo te verklaren dat weinig politieke verantwoordelijken hem een overtuigde indruk nalieten, heeft Karel De Gucht gebroken met het Belgisch beleid ten aanzien van de Democratische Republiek Congo", stelt minister Simonet. Ze zegt met "verbazing" kennis genomen te hebben van "gewaagde" verklaringen van de leider van de Belgische diplomatie. Ze zijn "onhandig" op enkele maanden voor de verkiezingen die voor juni 2005 gepland zijn.

Marie-Dominique Simonet erkent dat de rechtstaat in Congo nog moet opgebouwd worden. Ze betreurt dat de verklaringen van De Gucht in de kaart spelen van diegenen die op een uitstel van de verkiezingen uit zijn.

Volgens de CD&V-fractieleidster in de Senaat, Sabine de Bethune, dienen de uitspraken van minister van Buitenlandse Zaken Karel De Gucht "het broze vredesproces in het gebied van de Grote Meren geenszins en ondermijnen ze de rol van België daarin".

Het hoofd van de Belgische diplomatie kan zich niet veroorloven na een eerste korte gespreksronde een commentaar over politieke leiders te geven, meent ze. de Bethune noemt zijn kritiek "gratuit" omdat De Gucht zijn analyse niet onderbouwt met aantoonbare feiten.

De CD&V-politica vindt ook dat het feit dat De Gucht de politieke verantwoordelijken van Congo voor schut zet tijdens zijn bezoek aan Kigali, de hoofdstad van Rwanda, een schijn van partijdigheid oproept. "Door dergelijk uitspraken laat hij de ondubbelzinnige houding van ons land in dit conflict varen. Meer nog, hiermee heeft minister De Gucht de rol van ons land in het vredesproces gehypothekeerd", aldus nog Sabine de Bethune.