Acht oliepijpleidingen gesaboteerd in Zuid-Irak

Print
In het zuiden van Irak zijn acht oliepijpleidingen beschadigd door een ontploffing die woensdagavond plaatshad. De olie-uitvoer van het land riskeert te lijden onder de sabotagedaad. Op de internationale markt is de olieprijs donderdag licht gestegen na het nieuws.
Twee verantwoordelijken van de Zuidelijke Oliemaatschappij SOC en het ministerie van Olie hebben donderdag de beschadiging van acht oliepijpleiding in het zuiden van Irak bevestigd.
"Om 19.00 uur (Belgische tijd) is een bom ontploft onder een brug. Die is ingestort en heeft acht oliepijpleidingen beschadigd. De pijpleidingen verbinden de olievelden van Zoebeir 1 met Zoebeir 2", 20 kilometer ten zuidwesten van de stad Basra. Dat bevestigde de verantwoordelijke van de SOC die anoniem wenste te blijven.

Een verantwoordelijke van het ministerie van Olie heeft gezegd dat de ontploffing zich heeft voorgedaan in al-Barjassiya, waar twintig oliepijpleidingen passeren. Acht werden er beschadigd, aldus het ministerie. "De brand was donderdagochtend nog niet onder controle en deze sabotage gaat gevolgen hebben voor de uitvoer," zei de verantwoordelijke van het ministerie nog. Hij kon niet preciseren in welke mate de uitvoer zou verminderen.
De beschadigde pijpleidingen brachten ruwe olie van het veld in Roemeila naar opslagplaatsen in Zoebeir. De ruwe olie wordt daarna naar terminals gevoerd voor de uitvoer, aldus het ministerie.
Op internationale markten is de olieprijs licht gestegen na het nieuws van de sabotage. In Londen kostte een vat Brent-olie, Noordzee-olie met levering in oktober, donderdag na opening 40,90 dollar. In New York steeg de prijs voor een vat tot 43,80 dollar.