OPEC: nog geen beslissing tot productieverhoging

De Organisatie van Olie Exporterende Landen (OPEC) heeft geen beslissing genomen over een verruiming van de productie. Het oliekartel is wel "erg bezorgd" over de hoge olieprijs, zei OPEC-voorzitter Purnomo Yusgiantoro zaterdag in Amsterdam.

Belga

De elf OPEC-lidstaten kwamen elkaar tegen in het Amsterdamse Okurahotel in de marge van een grote energieconferentie. De Verenigde Staten, Groot-Brittannië en Duitsland hadden de afgelopen dagen grote druk op de OPEC gelegd om haar productiequota te verhogen om de oliemarkten tot rust te brengen.

Yusgiantoro benadrukte dat het Amsterdamse samenzijn een informeel karakter had. Een besluit over een eventuele productieverhoging valt pas op 3 juni in Beiroet als de OPEC voor regulier overleg bijeenkomt.

Voorafgaand aan de ingelaste vergadering was ook geen rekening gehouden met een snelle productievergroting. De OPEC-leden produceren nu al veelal tegen het maximum van hun capaciteit en zeggen geen grip meer te hebben op de prijsstijgingen van de afgelopen weken.

Yusgiantoro verklaarde de hoge olieprijs, die afgelopen week boven de niveaus van de Golfoorlog in 1990/1991 uitkwam, door onder meer te wijzen op een gebrek aan raffinagecapaciteit en politieke spanningen.

Toch had OPEC-aanvoerder Saoedi-Arabië, 's werelds grootste olieproducent, de termijnmarkten vrijdag hoop gegeven door te pleiten voor een 8,5 procent hogere productie tot 25,5 miljoen vaten per dag. De prijs van een vat ruwe Amerikaanse olie was daardoor weer onder de 40 dollar beland.

Saoedi-Arabië geldt in de oliewereld als een 'swing producer', een toonaangever op het gebied van productiebeleid. Het voorstel van de Saoedische olieminister Ali al-Naimi om het OPEC-productieplafond met twee miljoen vaten per dag te verhogen, kon echter op weerstand rekenen van OPEC-leden als Iran en Venezuela.

Zij zijn bang dat de olieprijs te veel gaat dalen als de oliekraan in te ruime mate wordt opengedraaid. Bovendien vinden zij dat het huidige prijsniveau compensatie biedt voor het verlies van koopkracht als gevolg van de zwakke dollarkoers.