FAO vraagt genetische manipulatie te gebruiken tegen de honger

In de strijd tegen honger en ondervoeding in de ontwikkelingslanden bepleiten de Verenigde Naties nu de inzet van gentechnologie. Dat blijkt uit het maandag in Rome gepubliceerde jaarverslag van de VN-organisatie voor Voedsel en Landbouw FAO.

Belga

In het rapport staat dat genetisch veranderde planten aan arme boeren in de Derde Wereld de kans bieden op aanzienlijk grotere oogsten. In de tekst is echter ook sprake van nog onbekende risico's voor milieu en gezondheid.

Nog steeds hebben wereldwijd 842 miljoen mensen in de wereld te lijden van honger en ondervoeding, aldus FAO-secretaris-generaal Jacques Diouf. In 2030 zullen 2 miljard mensen extra gevoed moeten worden. Genetisch gemanipuleerde planten bieden niet alleen de kans de oogsten te vergroten. Er zouden voor de Derde Wereld ook gewassen kunnen ontwikkeld worden die resistent zijn tegen schadelijke insecten, die beter de droogte trotseren of een hogere voedingswaarde hebben.

Daartoe moet echter het genetisch onderzoek toegespitst worden op de noden van de arme boeren in Afrika en Azië, zo zegt Diouf. De wetenschappers besteden weinig aandacht aan de basisvoedingsmiddelen van de armen. Het gros van de investeringen van de privé-sector slaat op slechts vier culturen: katoen, maïs, koolzaad en soja.

Het rapport stelt ook dat de FAO "zich wel degelijk bewust is van de mogelijke risico's voor milieu en voedselveiligheid". De meeste wetenschappers zijn het erover eens dat genetisch gemanipuleerd voedsel voor de mens ongevaarlijk is, "maar wij weten nog te weinig over de gevolgen op lange termijn".