Terugbetaling Alzheimermedicatie loopt mank

De regeling omtrent de terugbetaling van geneesmiddelen voor de behandeling van de ziekte van Alzheimer is te omslachtig en is in strijd met de inzichten rond die medicatie, zo stelt de Belgian Dementia Council (BDC) in het jongste nummer van het vakblad

De Huisarts

, dat woensdag verschijnt.

Belga

De regeling vraagt eerst een evaluatie van cognitieve, functionele en gedragsaspecten, maar de vereiste schalen zijn niet representatief voor een groot deel van de patiënten.

Patiënten die goed scoren, moeten bijkomende testen ondergaan vooraleer ze hun medicatie terugbetaald krijgen. Voor die bijkomende tests is echter geen honorarium voorzien. De procedure voor de terugbetaling van de tests, is eveneens omslachtig en bovendien erg onduidelijk zodat het erg makkelijk wordt om de terugbetaling te weigeren, meent BDC.

Bovendien is de terugbetaling geldig voor een periode van zes maanden waarna herevaluatie met afname van alle tests nodig is. Enkel indien er een verbetering of een stabilisatie is, kan de terugbetaling verlengd worden, telkens voor een periode van een jaar. Bij vele patiënten is een vertraging van de achteruitgang echter bijzonder moeilijk in te schatten, en in dat geval stopt de terugbetaling onherroepelijk, aldus de BDC in De Huisarts.

De score op basis waarvan besloten wordt de medicatie te stoppen, is dan weer van die aard dat het mogelijke effect van de geneesmiddelen op dat moment nog steeds een rol van betekenis speelt.

Alzheimerpatiënten die baat zouden hebben bij een behandeling krijgen er dus geen of ze krijgen ze niet terugbetaald. Bovendien houdt de terugbetaling op op het ogenblik dat het nuttig zou zijn het effect van de behandeling te behouden.

In België zijn er momenteel naar schatting 150.000 dementerenden en ongeveer de helft daarvan lijdt aan de ziekte Alzheimer, de meest frequente oorzaak van dementie.