Oosterse automerken zetten opmars op Europese en Belgische markt voort

In het eerste kwartaal van 2004 werden op de Europese markt 21,5 procent meer Koreaanse wagens en 16,4 procent meer Japanse ingeschreven dan in dezelfde periode vorig jaar. De traditionele Europese en Amerikaanse merken kennen slechts een lichte groei of zien hun marktaandeel zelfs dalen. Dat blijkt uit cijfers van de Vereniging voor Europese Autoconstructeurs (ACEA). "De cijfers bevestigen een trend die al geruime tijd aan de gang is en die zich ook in België doorzet", aldus Joost Kaesemans, woordvoerder van Febiac, donderdag.

Belga

In totaal werden in Europa tijdens het eerste kwartaal van 2004 3.913.980 nieuwe voertuigen ingeschreven. Dat is 2,9 procent meer dan in dezelfde periode vorig jaar. In België was de groei opvallend hoger dan het Europese gemiddelde. In het eerste kwartaal werden in België namelijk 157.000 voertuigen ingeschreven, 11,2 procent meer dan in 2003.

Opvallend is de sterke groei van de Koreaanse en Japanse merken op de Europese automarkt. De Koreaanse merken (Hyundai, Kia en Daewoo) stijgen met 21,5 procent, de Japanse (o.a. Toyota en Mazda) met 16,4 procent. Die sterke groei steekt schril af tegen de eerder matige verkoopcijfers van de meer tradionele westerse wagenmerken. De verkoop van die merken daalt licht (Peugeot -5,9 pct, Citroën -1,9 procent), of stijgt licht (VW Group +1,4 procent, Ford Group +2,5 procent, Fiat Group +3,0 procent).

De opvallende groei van de oosterse merken komt niet helemaal uit de lucht vallen. Hoewel de tradionele merken in absolute cijfers nog steeds voorop liggen op de oosterse merken, gaat het om "een tendens die al geruime tijd aan de gang is", zo stelt Joost Kaesemans van Febiac.

Volgens Kaesemans is die groei vooral toe te schrijven aan het feit dat de Aziatische fabrikanten zoals bijvoorbeeld Mazda, Toyota en Nissan de laatste jaren hun achterstand op de dieselmarkt hebben ingehaald. "Die merken hebben jarenlang achtergelopen wat betreft de productie van aantrekkelijke dieselwagens, maar die achterstand hebben zij nu ingehaald. Als je dan rekening houdt met het feit dat de vraag naar dieselwagens op de Belgische en Europese markten groot is, is zo'n inhaalbeweging belangrijk en vertaalt die zich ook meteen in groeicijfers", aldus Kaesemans.

Andere bedrijfseconomische redenen zouden volgens Kaesemans minder invloed hebben. In welke mate de groeiende populariteit van Japanse en Koreaanse wagens een invloed heeft op de werkgelegenheid in de Belgische autosector, kon Kaesemans moeilijk inschatten.