Kwart Belgen ontevreden over openbaar vervoer

Een kwart van de Belgen is ontevreden over het aanbod van het openbaar vervoer. Ongeveer evenveel mensen (25,9 procent) vinden het aanbod wél heel goed en zowat de helft van de Belgen vindt dat hun buurt "normaal" is voorzien van openbaar vervoer. Dat blijkt dinsdag uit een enquête van het Nationaal Instituut voor de Statistiek (NIS) uit 2001.

Belga

Er zijn dus ongeveer evenveel mensen die echt enthousiast zijn als er mensen misnoegd zijn over het aanbod aan openbaar vervoer in België. Volgens het NIS is het met de tevredenheid van de Belg op dit punt, in vergelijking met de meeste andere onderzochte zaken, tamelijk slecht gesteld

De tevredenheid is het grootst in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Daar waar de landelijke tevredenheidsindex 100,8 bedraagt, loopt die in de hoofdstad op tot 138,6. Concreet zijn slechts 8 op 100 huishoudens in het Brusselse echt ontevreden over het aangeboden openbaar vervoer. De globale tevredenheid is het grootst in de gemeenten Sint-Lambrechts-Woluwe, Oudergem, Jette en Etterbeek. Liefst zeven gemeenten uit de top-10 liggen in het Brussels Gewest.

In Vlaanderen ligt de tevredenheidsindex net onder de honderd (99,6), wat betekent dat er net iets meer misnoegde dan enthousiaste huishoudens zijn. De provincie Antwerpen scoort het best, gevolgd door West-Vlaanderen. In Limburg is de tevredenheid het kleinst. Misschien is dat te wijten aan het gebrek aan spoorverbindingen in de provincie, zo stelt het NIS.

In Wallonië ligt de tevredenheidsindex nog lager (91,0). Alleen in de provincie Luik zijn er meer enthousiaste dan ontevreden ondervraagden. Het Duitstalig landsgedeelte doet het slechter dan de rest van Wallonië.

De relatieve ontevredenheid is het grootst in landelijke gemeenten. Op het kleine Herstappe na - waarvan de gegevens minder representatief zijn omdat het amper 83 inwoners telt - zijn het allemaal Waalse gemeenten die de lijst met ontevreden gemeenten aanvoeren: Erezée, Stoumont, Lens, Neupré, Nandrin en Somme-Leuze.