"Een goed spel moet verslavend zijn"

Een professor die wel eens met Lara Croft speelt? Op zijn minst vreemd te noemen. Videospelletjes in een museum? Op zijn minst voorbarig te noemen. En toch, de tentoonstelling

Arcade & co. Historie en prehistorie van het videospel

in het Mechelse Speelgoedmuseum toont welke weg Pac-Man en Mario de jongste 25 jaar hebben afgelegd. Gust De Meyer, professor populaire cultuur aan de faculteit Communicatiewetenschappen in Leuven, is dolenthousiast over de bonte verzameling. Een deel ervan is eigen bezit. "Een goed spel moet verslavend zijn", stelt de wetenschapper uitdagend.

Sam Valkenborgh

BR>

Gazet van Antwerpen:Is het niet wat vroeg om videospelletjes in een museum te stoppen?

Gust De Meyer:

Een museum wordt automatisch geassocieerd met klassiek, maar het is knap van het Speelgoedmuseum dat het ook actuele dingen volgt. Bovendien is een historisch overzicht nu al zinvol. Want de evolutie gaat snel. Vroeger had je honderd jaar nodig om trends te volgen, nu tien. De Middeleeuwen hebben eeuwen geduurd. De mensen die toen leefden, hebben altijd op dezelfde manier hun brood verdiend, en zich geamuseerd. Nu evolueert alles exponentieel.

En waarin ligt dan het verschil tussen de huidige generatie videospelletjes en de oudere?

Vroeger moest je meer je verbeelding laten werken. Het is zoals een boek lezen of een film bekijken. Bij een boek moet je zelf dingen invullen, bij een film is alles voorgeprogrammeerd. Wel, in spelletjes is het net hetzelfde. In het begin was er geen techniek, alleen eenvoudige pixels. Pac-Man is eigenlijk niets meer dan een happend mondje. De nieuwe spelletjes zijn veel realistischer, maar het plezier wordt ondergeschikt aan de animatie, aan de graphics. Er komt veel uit, maar weinig echte toppers, die kunnen uitgroeien tot klassiekers. De oudere spelletjes spreken trouwens nog veel mensen aan, ook jongeren. Opvallend is wel dat de leeftijdsgrens om te spelen opschuift. Ook dertigers beginnen te spelen, vooral adventure games.

de Street Fighter
De Street Fighter met de grote ronde knoppen waarop je moest rammen tot je handen open lagen. Foto Dirk Vertommen

Waaraan mogen we ons in de toekomst verwachten?

Er komt een

emotion engine

, die emotie op het gelaat kan toveren van de personages. Het zou ook technisch mogelijk worden om van jezelf een personage te maken, gewoon aan de hand van een ingescande foto. Internet-gaming is er al: spelen met gelijk wie op gelijk welk moment. Maar ik herhaal: het spelplezier zelf bepaalt het succes van het spel, en dat is iets ondefinieerbaars. Dat moet achter 't scherm liggen, niet in de effecten en de graphics.

Het grootste verwijt dat videospelletjes te slikken krijgen, blijft de meer dan gezonde dosis geweld. Bloed in alle kleuren, bejaarden omver rijden in 'Carmageddon', het kan blijkbaar niet op?

Sommige spelletjes gaan misschien te ver, maar er is toch zelfcensuur in de business. Er zijn spelletjes die nooit verschijnen. En daarbij, ook in het begin waren ze al agressief. Alleen komt er nu bloed bij kijken. Alle spelen hebben iets oorlogszuchtig. Schaken, cowboy en indiaantje spelen... Of 'Monopolie', dat is algemeen aanvaard, maar is dat kapitalistische ideaal van altijd meer te verdienen dan zo educatief?

En het zogenaamde verslavende karakter van de spelletjes, hoe zwaar weegt die kritiek?

Een goed spel moet verslavend zijn. Dat is essentieel. Het is natuurlijk niet goed dat die jonge gasten tien uur achter de computer zitten. Maar hun ouders die voor de televisie zitten, is dat zoveel beter? Bovendien zijn er ook vele voordelen. De spelletjesfreaks leren makkelijker, spelenderwijze, omgaan met nieuwe pc-technologieën. En ze zijn beter voorbereid op het nieuwe millennium. Ze leren problemen snel oplossen, moeten verschillende dingen tegelijk doen, heel snel beslissingen nemen, én reageren op verscheidene licht- en geluidsprikkels.

Hoge cultuurU had het net over een exponentiële evolutie. Tekenend voor onze snelle consumptiemaatschappij. Krijgt de hoge cultuur nog wel een eerlijke kans?Ik geloof niet in die manipulatietheorieën. Als het publiek het niet wil, dan maakt niets het. Tv-programma's niet, spelletjes niet,... niets. Weet je, de grens tussen authentiek en gemanaged is flinterdun. Wie zegt 'ik doe niet mee aan die commerce', die is zelf bezig met de ultieme promotiestunt. Ook Elvis had een prima manager, de Monkeys waren de Get Ready's van nu. Oude Pong-toestel. Foto Dirk VertommenEn de alleenheerschappij van Hollywood dan? De Italiaanse film La Vita e Bella scoort toch ook? Misschien hebben wij in Europa wel te weinig feeling om hedendaagse films te maken. En daarbij: wat is er nog niet gezegd en geschreven? Als je de oude filosofen leest, dan ontdek je dat er weinig of niets nieuws onder de zon is. Men doet vaak denigrerend over Amerikaanse films, maar The Truman show - om er maar één op te noemen - is prachtig, ook qua boodschap. Als je de critici in de jaren vijftig had moeten geloven, dan hadden we geen rock-'n-roll gekend, want die spuiden emmers kritiek over Elvis en zijn suggestieve bewegingen. En in mijn tijd was Abba verwerpelijk, moest je Zappa-fan zijn. Maar nu is die muziek plots oké. Het heeft gewoon zijn tijd nodig. Moet de overheid de projecten met een kleiner doelpubliek dan niet steunen?Toch wel, maar dan wel in samenwerking met de business, waar de knowhow zit. Want ik heb de indruk dat de gebrekkige steun van de overheid dikwijls als drogreden gebruikt wordt. 'We kunnen onze film niet maken, want we krijgen de subsidies niet', klinkt het dan.Om nog even terug te komen op de videospelletjes. Bent u zelf een videofanaat?Ik ben altijd al geïnteresseerd geweest in 'mechanisch amusement': jukebox, flipperkasten,... Uiteindelijk ben ik ze beginnen te verzamelen. Maar zelf ben ik geen grote gamer. Lara Croft is wel eens plezant, en Pac-Man en Space Invaders blijven leuk. Ik ben geen fanatiekeling, maar voor mijn vak ben ik het verplicht om er af en toe mee bezig te zijn. Waar ik wel goed in ben, is flipperen. Vroeger gingen we 's middags met de proffen en de assistenten flipperen op café, de verliezer moest trakteren. Maar dat gebeurt nu niet meer.Oude Space Invader. Foto Dirk Vertommen

Op wandel door spelletjesland

"Prachtige design, pure Andy Warhol", wijst De Meyer naar één van de klassieke toestellen. Ze werken niet meer, maar de schitterende tekening van D-day op de zijkant overtuigt de professor ervan dat het Speelgoedmuseum uniek bezig is. "In Amerika doen ze vergelijkbare dingen, maar daar heeft het toch meer iets van een lunapark. Hier is tijd in de omkadering en de inhoud gestoken."

Toch kan er ook worden gespeeld in het museum. Diverse spelletjes kunnen worden uitgeprobeerd, rechtstreeks of via het internet.

Een wandeling door de tentoonstelling is er eentje door de tijd. Een tijdsband, aangevuld met fotomateriaal, gidst de bezoeker door de geschiedenis, van de oude Pong-toestellen tot de nieuwe Sega Dreamcast (128-bit) die pas in september bij ons in de handel komt. Een knus huiskamertje, ingericht in de stijl van de jaren zeventig, toont hoe de vorige generatie in de ban van de computer raakte. Tussendoor: Simon, het oeroude auditief geheugenspelletje, Frogger en Donkey Kong.

En daarna het echte werk. Eén voor één komen de klassiekers aan bod. Computer Space, Street Fighter met de authentieke, grote ronde knoppen - "waarop je moest rammen tot je handen open lagen" -, Pac-Man, Miss Pac-man - "toen al probeerde men meisjes aan het spelen te krijgen" -, Roadblaster, Pong, Centipede en Space Invaders. De Meyer heeft, samen met videospelkenner en gamer Bart Bervoets, zo'n 50 spelletjes in zijn bezit. De prijs daarvan wil hij niet kwijt. "Het enige dat ik wil zeggen, is dat ik voor Computer Space enkele tienduizenden heb moeten betalen."

Arcade & co. Historie en prehistorie van het videospel. Tot 15 maart 2000 in het Speelgoedmuseum, Nekkerspoel 21, Mechelen. Het Speelgoedmuseum is open van 10 tot 17u, maandag is het gesloten. Info: 015/55.70.75.


Pac-Man van de troon gestoten


De overlevering wil dat het Speelgoedmuseum de laatste enige echte Pac-Man in België in zijn stal heeft staan. "Of het echt de laatste Pac-Man is, weet ik niet", zegt De Meyer, "maar in ieder geval toch één van de laatsten. Je kan je niet voorstellen wat mensen daarmee doen. Café-uitbaters die geen plaats meer hebben, slaan de toestellen gewoon zelf aan diggelen." Het toeval wil dat de Amerikaan Billy Mitchell onlangs voor het eerst in de geschiedenis de perfecte score haalde bij de klassieker. Er zijn geen grenzen meer. De perfecte score die Mitchell heeft behaald, ligt bij De Meyer in de bovenste schuif. De Amerikaan deed er bijna zes uur over om met zijn 'happertje' de spoken te ontwijken en alle 256 doolhoven met puntjes leeg te eten. Het resultaat, de magische 3.333.360 punten, wordt bijgeschreven in het Twin Galaxies' Official Video Game en Pinball Book of World Records.
oude Pac Man
Oude Pac Man. Foto Dirk Vertommen