Sint-Truiden gaat voor twee prijzen naar Beyne

SINT-TRUIDEN-

Vanavond om 20.00 uur wordt in zaal Rigo in Beyne-Heusay de Supercup betwist tussen landskampioen ZVK Sint-Truiden en bekerwinnaar Ougréeneupré. Tijdens de rust wordt bekend gemaakt wie van het trio Bachar-Plompen-Selimovic zaalvoetballer van het afgelopen seizoen wordt.

C.C.

BR>Met de Supercup wordt niet alleen het officieus startschot van het nieuwe seizoen gegeven, Sint-Truiden krijgt tevens zijn revanche op de uitschakeling in de halve finale van de beker van België door ONU (6-2).

«Een wedstrijd die voor beide teams wellicht te vroeg komt. Bovendien heeft deze Supercup slechts een officieus karakter en spreekt dan ook niet meteen tot de verbeelding. Dit neemt niet weg dat wij voor de overwinnig gaan. Wanneer je als speler tussen de lijnen staat, speel je om te winnen», aldus de eergierige Nico Papanicolaou die aan zijn derde seizoen als coach bij Sint-Truiden begint.

«Voor het ogenblik heb ik nog enkele selectiezorgen. Almir Duric en Fréderic Trickels komen beiden terig uit blessure, Samir Selimovic keerde pas woensdag terug uit vakantie. De anderen zijn er echter klaar voor en hunkeren, net zoals ik, naar de competitie. De Supercup mag dan in de eerste plaats een goede voorbereidingswedstrijd zijn, het betekent toch iets meer.»

«Het kan bovendien een mooie avond worden, mocht Samir Selimovic gelauwerd worden als zaalvoetballer van het jaar. Hij is samen met Karim Bachar (Mortsel) en Rudi Plompen (Ranst) genomineerd. Bachar wordt wellicht derde. De hoogste podiumplaats zal afhankelijk zijn van details. Plompen heeft vorig seizoen een puike eerste competitiehelft neergezet en heeft zich bij de Rode Duivels in de kijker kunnen spelen. Samir Selimovic heeft een erg regelmatig seizoen achter de rug en is pas op het einde in de schijnwerpers gaan lopen. Als coach de landstitel behalen is iets fantastisch, maar stel dat 'mijne jong' zaalvoetballer van het jaar zou worden: dat zou pas de absolute voldoening zijn.»

«Samir is nog maar anderhalf jaar in België. Ik heb heel hard met hem gewerkt, op hem moeten inpraten, hem moeten overtuigen. Ik heb heel veel kritiek van hem geslikt. Op een bepaald ogenblik wilde hij afhaken en nog enkel met de beloften aantreden, maar hij is dan gaan inzien dat zaalvoetballen niet alleen aanvallen is, maar ook verdedigen, terugplooien, dat eenieder een radertje in het geheel is. En als je nu ziet wat Samir kan... Hij kent alles. Trouwens, gans België heeft het gezien in de finale van de play-offs voor de landstitel.»