Thordur Gudjonsson wil lering trekken uit het debacle in Maribor

SCLESSIN -

De ontgoocheling in de Genkse kleedkamer was na afloop verpletterend. Brockhauser was van een reus veranderd in een dwerg en verborg zijn hoofd in zijn handdoek. «Genk-Maribor: 4-5. De Belgische landskampioen doet niet meer mee in de Champions League en de rest telt allemaal niet meer mee,» jankte de Hongaar.

BR>Thordur Gudjonsson die op het veld van Standard plots weer zijn beste benen had gevonden, kon zijn emoties iets makkelijker onder controle houden. «We hebben hier op Standard gedaan wat we moesten doen. Racing Genk leeft nog, maar laat ons toch vooral de les van in Maribor niet vergeten.»

In Slovenië raakte de oudste Gudjonsson nauwelijks een bal. Nauwelijks een week later stond de

echt Thordur

weer op.

«In Maribor was ik inderdaad nergens en werd ik al snel vervangen. Maar nu heb ik weer bevrijd kunnen spelen. Heb ik me honderd procent op de aanval kunnen concentreren want ik wist zeker dat Wilfried Delbroek voor de rugdekking zou zorgen. Die was er in Slovenië niet, zodat ik nooit mijn echte aanvallende spel heb kunnen ontwikkelen.»

Gisterenavond hoorde Thordur Gudjonsson bij de uitblinkers.

«Niet akkoord. De hele ploeg speelde schitterend. We hebben de kwalificatie duidelijk in Maribor verspeeld. Daar waren we te zeker van ons zelf. Iedereen deed zijn job, maar keek niet links of rechts om een handje te helpen bij een jongen die in de problemen zat. We hebben daar

met

elkaar en niet

voor

mekaar gespeeld. Maar Racing Genk heeft nog geen ploeg die daarvoor sterk genoeg is. Wij moeten nog altijd knokken voor mekaar. Vechten voor de bal en dan snel in de tegenaanval gaan, daarmee zijn we kampioen geworden. Wij mogen de les van Maribor zeker niet vergeten. Bij Racing Genk is het collectief heilig, daar zonder zijn wij maar een zeer middelmatige ploeg.»

Kop omhoog

«Wij moeten ons naar de competitie toe optrekken aan de tweede helft, die we hier tegen Maribor speelden. Voor de rust waren we te gehaast, wilden we absoluut dat doelpunt scoren en stapelden we de fouten op. Na de pauze stond er plots weer het

grote

Racing Genk. We lieten de bal het werk doen en creëerden voldoende kansen om ons te kwalificeren. Spijtig genoeg stond het geluk toen niet aan onze zijde. Het is nu 4 augustus en we spelen al geen Europees voetbal meer. Dat is verschrikkelijk pijnlijk. Maar toch moeten we met de kop omhoog uit de Champions League stappen. Deze 3-0 moet ons voldoende vertrouwen geven om zaterdag aan de competitie te beginnen. Racing Genk kan nog goed voetballen, dat moet toch de belangrijkste vaststelling zijn op drie dagen van de start van de competitie.»

«Toch blijft het spijtig dat we het niet hebben gehaald. We hadden nog 25 minuten voor dat vierde beslissende doelpunt. Misschien was de frisheid toen wel weg. We hadden voordien een verschroeiend tempo op de mat gelegd. Maar in feite moeten we niet meer praten over de terugmatch, die was af. Wie Europees speelt moet op verplaatsing het resultaat kunnen neerzetten. In Maribor, daar hebben wij gefaald.»

Kampioen

Ferenc Horvath, amper twee minuten op het veld, bewees dat hij het doel nog altijd weet staan. Hij scoorde het derde doelpunt dat Racing Genk zo dicht bij de kwalificatie bracht.

«Wat heb ik daaraan? Het is niet te geloven. Racing Genk is als ploeg dubbel zo sterk als Maribor, maar is toch uitgeschakeld voor de Champions League. Leg het maar eens uit.

Ach, het geluk heeft een belangrijke rol gespeeld. In Slovenië was ieder schot op doel van Maribor een doelpunt. Vandaag was dat duidelijk niet het geval. Ik vrees ook een beetje voor de competitiestart zaterdag in Westerlo. Goed gespeeld, alles gegeven, maar uitgeschakeld. Het zal moelijk zijn om de jongens weer op te peppen. En toch zullen we opnieuw kampioen moeten spelen om nog eens in de Champions League te mogen voetballen.»