Gaastra moet nieuwe beleidsvisie ontwikkelen

ISTANBOEL -

Eén bronzen medaille en zeven nationale records kunnen niet verdoezelen dat de Belgische zwemploeg vandaag met een negatieve balans terugkeert van de Europese kampioenschappen. Slechts dertig procent van onze deelnemers slaagde erin een nieuwe persoonlijke besttijd te realiseren. Volgens de gehanteerde normen is dat ongeveer vijftig procent te weinig. De reden van het falen? Die is velerlei. Gebrek aan talent, aan mentale weerbaarheid, slechte voorbereiding ...

BR>«Achter iedere atleet schuilt een verhaal,» zegt coach en technisch-directeur van de Vlaamse Zwemliga Ronald Gaastra. «Zit de oorzaak in familiale achtergronden van de atleet, dan kunnen wij daar weinig aan doen. Ligt een technische oorzaak aan de grondslag, dan moeten wij ingrijpen.»

Gaastra voelt met de ellebogen dat de zwemsport in ons land nieuwe wegen op moet. Maar hij heeft blijkbaar onvoldoende macht en middelen om een stevige structuur neer te zetten. Voorbeeldje: onze atleten zijn in voorbereiding op het EK middels acht (!) gespreide stages hun eigen weg gegaan.

«Dat was geen goeie zaak. De schuld ligt bij privécoaches met een te hoge graad eigenwaarde. Zij vinden dat ze hun zwemmers het beste kunnen voorbereiden en motiveren en dat ze dus niet altijd met Gaastra moeten optrekken. Ik kan dat niet verhinderen. De resultaten bewijzen dat die tactiek niet de goede is.»

Moet je geen conclusies trekken uit het Nederlands overwicht op dit EK?

«Ik zie het eerder als de

weelde van Eindhoven

, want het is uitsluitend PSV als club die de successen naar zich toehaalt. Daar heeft de bondscoach dus geen verdiensten aan. Ik ben er niet jaloers op. Wel op de structuren die de Nederlandse Zwembond heeft uitgetekend. Daar dwing je prestaties mee af. De clubs worden door de Bond gesteund en de beste coaches kunnen zich met de betere zwemmers gaan bezighouden. Maar dat is een kwestie van geld. Op het Nederlands bondsbureau werken veertig bedienden. Bij de twee vleugels van Belgische federatie een zestal. Wij kunnen niet wat landen als Nederland en Frankrijk kunnen, maar wat goed is en haalbaar in hun systeem, moeten we overnemen.»

De meeste bondscoaches in andere sporten houden het na een jaar of vijf voor bekeken. Heb jij na 10 jaar nog voldoende impact?

«Ik denk het wel, al zie ik me in de toekomst toch meer bezig in een communicatiefunctie. Ik zou me liefst omringen door een groepje jonge, gedreven coaches. Maar dat vergt enige tijd.»

Baas

Het is duidelijk dat de tegenvallende resultaten coach Gaastra een beetje overvallen en dat hij zich nog niet met pasklare antwoorden heeft gewapend om de onvermijdelijke vragen van de buitenwereld te pareren. Is heel begrijpelijk. Maar het geeft aan dat in het verleden onvoldoende beleidsvisies zijn ontwikkeld. Zo heeft de coach ook geen vastomlijnd idee rond het fenomeen

Topsport en Studie

. Zijn eerste reactie: «Jamaar, iedere zwemschool kost ons 600.000 frank. Dat is veel op een budget van 7 miljoen. En wat als je met drie dergelijke scholen gaat werken...?»

Foute denkwijze, een goede marketingdienst knippert eens met de ogen en tovert 600.000 frank te voorschijn. Bovendien zijn er in Vlaanderen ook geen drie zwemscholen nodig. De Vlaamse Tennisschool in Wilrijk levert het bewijs dat het met minder ook kan.

«Hola,» zegt Gaastra, «met tennis kan je geld verdienen met zwemmen niets. Dus kan je de lat daar hoger leggen.»

(Na enig aarzelen): «We kunnen de zwemmers aansporen om harder te werken door een soort verloningsstelsel in te voeren. Wie zich inzet mag bijvoorbeeld met een elitiegroep op stage naar Australië, de anderen moeten het maar met de voorbereiding in Canet stellen.»

Deze

plotse ingeving

bewijst dat Gaastra het vandaag ook nog niet weet. Daarom moet hij de tijd krijgen om de resultaten te analyseren en een toekomstgericht beleidsplan te ontwikkelen. Als dat geld kost, moet dan geld gezocht worden. Het is ook onontbeerlijk dat Gaastra niet het slachtoffer mag worden van clubtrainers met een groot ego. Hij moet zich kunnen profileren als de baas. Maar als na verloop van tijd de nieuwe aanpak geen resultaten oplevert, moeten er wel vraagtekens geplaatst worden.»