David Coulthard: braaf schaap of stoute jongen?

Print
HOCKENHEIM - Niks aan de hand, geen vuiltje aan de lucht. Dat is de boodschap die McLaren en Mercedes willen slijten aan de vooravond van de Grote Prijs van Duitsland. Weinig geloofwaardig, want de aanrijding tussen de teammaats Coulthard en Hakkinen heeft wel degelijk stof doen opwaaien in het huishouden. «Sommigen waren extreem boos,» gaf Hakkinen raadselachtig toe. Lees: wilden Coulthard een ontslagbrief sturen. Tot nader order gebeurt dat niet. Hakkinen: «Je moet constructief blijven. Het heeft geen zin het werk van jaren te vernietigen.»
BR>
David Coulthard maakte het bont, twee weken geleden in Oostenrijk. In de eerste ronde kegelde hij zijn teammaat van de baan, daarna verkwanselde hij de overwinning. Aangenomen werd dat McLaren na het incident de rolverdeling zou aanpassen: Hakkinen als kandidaat-wereldkampioen, Coulthard louter nog als helper. Dat gebeurt evenwel niet, beweert Norbert Haug, de chef-sport bij Mercedes.
«Alles blijft zoals het was. Het was de eerste keer dat David zo'n fout maakte in zestig races. Als hij dat niet op regelmatige basis gaat doen, is er geen probleem. Wij hebben twee nummers 1, die elk hun kans mogen gaan. Ferrari doet het anders, maar dat is hun zaak. Wij zijn wereldkampioen, zij niet.»
Waarmee Haug de wereld op zijn kop zet: McLaren als tegenstander van een teamstrategie. Hetzelfde McLaren dat in '98 al in de eerste race van het seizoen Coulthard opzij schoof. Maar soit. Ook voor volgend seizoen stelt Haug Coulthard gerust. «We kunnen onze bezetting voor 2000 nu nog niet bekendmaken, maar ik verwacht geen verrassingen. Normaal gaan we voort met Mika en David. We moeten het alleen nog op papier zetten.»

Schaapachtig


Zondaar David Coulthard slaat mea culpa, maar gaat ook in het verweer. Heen en weer geslingerd tussen schuldgevoelens ten opzichte van Hakkinen en het verwijt dat hij te braaf is voor de F1.
«Ik heb de toestemming om tegen Mika te racen en dus doe ik dat. Ook zondag,» zegt de Schot ferm. «Ik sta zestien punten achter hem, mijn doel is die kloof te dichten. Ik race om te winnen, daar stap ik niet van af. En om te winnen moet je soms berekende risico's nemen. Dat zal ik blijven doen. In Zeltweg maakte ik een fout, dat geef ik toe. Maar wijs me één man aan die beweert dat hij nog nooit een fout maakte en ik bewijs je dat hij een leugenaar is.»
«Weet je, veel meer dan die aanrijding stoort het me dat ik Irvine niet kon voorblijven. Als ik had gewonnen, was er nu niet zo'n heibel. Maar Irvine reed sterk en Ferrari had het tactisch sterk voor mekaar. Wij duidelijk niet. Ik zoek geen excuses, maar bekijk mijn score dit seizoen eens. Vier keer viel ik uit met mechanische problemen, wat vaker is dan Irvine of Hakkinen. In de andere vijf races pakte ik een eerste en drie tweede plaatsen. Zonder die pech sta ik voor Irvine.»
Ironisch genoeg krijgt bad boy Coulthard net nu de kritiek dat hij te braaf is. Te veel gentleman en te weinig racer, vindt de Britse pers. Met zijn schaapachtige excuses in Oostenrijk als ultieme bewijs.
«Dat is absurd en dat maakt me bloody angry. Dat imago stemt niet met de realiteit overeen. Misschien ben ik gewoon te eerlijk in het toegeven van mijn fouten. Maar dat betekent niet dat ik altijd opzij ga, of dat ik geen racer ben. Probeerde ik Mika in te halen? Ja. Ging ik hem voorbij? Ja. Lag ik op kop? Ja. Heb ik Irvine opgejaagd tot de finish? Ja. Over mijn agressie achter het stuur kan geen twijfel bestaan.»