Hans Leenders (Genk): "Op mijn tanden bijten"

Hans Leenders (23) heeft eindelijk nog eens twee matchen op rij kunnen volmaken bij Racing Genk. Vorig jaar een vaste waarde in de kampioenenploeg, dit seizoen nog maar drie keer in de basis. Leenders staat op een kruispunt in zijn carrière: “Racing Genk is voor mij de mooiste club van België, maar...”

ghouben

Leenders weet inderdaad niet goed hoe het nu verder moet voor hem.“Vorig seizoen voetbalde ik in een roes. Ik had een vaste stek centraal in de verdediging, alles lukte en daar kwam nog eens de titel bovenop. Logisch dat ik toehapte toen mijn contract tot 2006 werd opengebroken.”

Dit seizoen leerde Leenders de andere kant van de medaille kennen. Hij viel naast de ploeg. “Met het oog op de Champions League ging Genk zich achterin versterken. Ik wist dat de concurrentie groter zou worden.Bovendien ben ik een trage starter. In de voorbereiding heb ik het altijd ontzettend moeilijk. Dat was vorig seizoen ook zo, maar toch kwam ik in de ploeg. Nu niet meer. En alsof dat nog niet genoeg was viel ik na de tweede match al uit met een blessure die me twee maanden aan de kant zette. Ik geraakte niet meer in de basis en had dat voor een stuk aan mezelf te danken. Dat geef ik toe.”

Dus moest Leenders wachten tot een van de basisspelers uitviel om weer een kans te krijgen.“ Tegen Standard speelde ik op de plaats van Seyfo, vorige week tegen Anderlecht ook. In Beveren was ik de vervanger van de geblesseerde Tomasic. Het is plezant als je de eerste keuze van de trainer bent als er een verdediger uitvalt. Zo krijg ik tenminste nog eens de kans om te bewijzen dat ik in eerste klasse inzetbaar ben.”

Maar drie competitiematchen op 25 blijft weinig voor een speler die Racing Genk vorig jaar mee aan de titel hielp. “Kijk, als ik nu 19 jaar was,zou ik daar best tevreden mee zijn. Maar ik ben er al 23, dan moet je toch eens gaan nadenken hoe het nu verder moet.Genk blijft voor mij de mooiste club van het land. De trainersstaf, het stadion, de supporters en dat allemaal vlak bij mijn thuis in Diepenbeek. Hier wil ik graag blijven spelen. Ik tekende zeker niet bij om het een jaar later weer af te bollen. Maar toch... ik speel liever veel meer matchen. Ik denk dat ik het niveau nog aankan, dat heb ik vorig seizoen bewezen. Ach... hier weggaan zit niet direct in mijn hoofd, maar ik moet de zaken toch eens bekijken.”

Niet dat Hans Leenders zijn tijd dit jaar zit te verdoen in Genk. “Ik heb hier toch iets aan gehad,” zegt Leenders. “Ik heb geleerd wat op de tanden bijten is.Vorig seizoen voetbalde ik op een wolk. Nu moet ik knokken voor een plaatsje onder de zon. Mijn ouders zijn me blijven steunen. Ze hebben me gezegd dat voetbal nu eenmaal zo in mekaar zit: ‘Blijf doorvechten, de situatie kan iedere dag veranderen’. Een goede raad. Toen Vergoossen me nodig had, stond ik er.”

“Vorige week tegen Anderlecht heb ik mijn streng getrokken. Ik kreeg achteraf complimenten, maar die wogen niet op tegen het verlies van de drie punten. In Beveren wonnen we dit weekend wel, maar zij maakten het ons ook niet zo moeilijk. Ik kan nu alleen maar hopen dat ik er zaterdag tegen Bergen opnieuw bij ben. De trainer beslist.”

In het Fenix Stadion is het een publiek geheim dat Hans Leenders als eens verbaal in de clinch durft te gaan met Wesley Sonck.Dat zorgde dit seizoen al een paar keer voor vuurwerk op de training.

Hans Leenders (verrast): “Euh..., ja. Om eerlijk te zijn, niet alleen met Wesley. Ook met andere spelers heb ik al eens akkefietje. Vraag het maar na. Je moet daar niks achter zoeken. Ik heb hetzelfde karakter als Sonck... ik bedoel op sommige punten toch. Ik kan niet verliezen. Ik speel altijd om te winnen. Ook op het stomste trainingsmatchke. Zo lopen er bij ons nog een paar rond. Dat geeft vaak stof tot verhitte discussies. Ach, het hoort er allemaal bij in het voetbal.Het is echt niks speciaals.”