Nico Mattan herhaalt in proloog stunt van twee jaar geleden

Nico Mattan wordt begeesterd door het paranormale. Op de openingsdag van Parijs-Nice viel gewoon alles in de goede plooi. Voor een kerel die alleen wint in plaatsnamen die beginnen met een P kan er in Parijs al moeilijk wat mis gaan. Laat het gisteren bovendien 9 maart zijn.“Negen, drie, 2003: samen 17, mijn geluksgetal”, aldus Mattan. Met een razende vaart van net geen 50 km/u snelde de West- Vlaming naar zijn tweede proloogzege in drie jaar tijd.

ghouben

24 nationaliteiten aan de start en uitgerekend een Belg die wint. “Ik deed het voor jullie. Kan ik eindelijk nog eens een interview doen in het Nederlands. Geef toe: Parijs-Nice kon voor de Vlaamse pers toch niet beter beginnen?”, grapte Mattan.

“En geef mij nu maar een lekker pintje. Dat verdien ik toch?”Als dat tenminste mag van de handoplegster waar de flapuit uit Sint- Eloois-Winkel af en toe langs gaat...

Mattan kickt dan wel op het paranormale, het waren toch zijn benen en niet de magnetische stralingen onder de Eifeltoren die hem zondag twee seconden sneller deden razen dan een gedoodverfde favoriet als Hamilton. En nog drie tellen rapper dan geboren hardrijders als Gaumont, O’Grady en Cancellara.

“De benen en het hoofd”, reageerde Mattan.“Net als twee jaar geleden voorspelde ik mijn winst nog voor de start in de ploegcamper bij Philippe Gaumont. Ik voelde veel betere benen dan zaterdag tijdens de verkenning. Of nee, ik lieg: ik kondigde een maand geleden al aan dat ik vandaag de hoofdvogel zou afschieten.Wie zo’n stoute mond opentrekt, is wel verplicht tot het uiterste te gaan. Het hoeft geen geheim te blijven: zo pep ik mijzelf op.”

“Afgelopen week deed ik er alles aan om vandaag te schitteren. Ik herstelde goed van het Belgisch openingsweekend en veegde heel mijn normale trainingsprogramma aan mijn laars. Ik knalde de voorbije week een paar keer achter de derny aan met de tijdritfiets. Kort maar krachtig, nooit meer dan 50 kilometer. Puur op souplesse. Maar mijn voorbereiding begon al veel vroeger. In de Ronde van Ligurië zag ik het hele peloton mij gek verklaren omdat ik voor de korte klimchronorace mijn tijdritfiets van het dak liet halen. Dat lachen zal ze nu wel vergaan.”

En nu? Twee jaar geleden speelde Mattan zijn leiderstrui in Saint-Etienne kwijt aan Peter Van Petegem. Mag het nu iets langer? “Dat wordt moeilijk. Het parcours al eens bekeken? Het gaat iets te vaak en net iets te hoog bergop naar mijn mogelijkheden. Maar ik geef deze trui niet zomaar af.Vergeet niet dat er donderdag alweer een tijdrit aankomt. Precies op mijn maat gesneden. Misschien iets te lang, maar ik garandeer het je op een briefje: ik verlies geen tien seconden op de eerste.”

Als niemand hem stokken in de wielen steekt, moet hij het zelfs tot vrijdag kunnen uitzingen. “Maar niet langer. De Mont Faron die er dan aankomt, gaat mijn petje te boven. Dan is het de beurt aan David Moncoutié. Mijn ploegmaat noteerde Parijs- Nice met een grote rode stip in zijn agenda. Mij tot vrijdag in de leiderstrui houden, zou voor David een ideaal scenario zijn. Als ik hem was, zou ik zelfs tot de slotdag wachten om toe te slaan. Komende zondag moeten we in de koninginnenrit drie keer over de Col d’Eze. Een perfect slagveld voor onze klimmer.”