Blair riskeert veel met Irak-beleid

De Britse premier Tony Blair heeft een probleem. Als Groot-Brittannië meedoet aan een oorlog in Irak zonder dat de Veiligheidsraad daar toestemming voor heeft gegeven, dreigt een nieuwe opstand binnen zijn Labour-partij. Diverse leden van zijn regering dreigen met aftreden.

AP Ned

Minister van ontwikkelingssamenwerking Clare Short, die bekendstaat als een van de meest linkse stemmen binnen Blairs regering, zei zondagavond tegen de BBC-radio dat zij niet wenst mee te werken aan "een inbreuk op het internationaal recht of het ondermijnen van de Verenigde Naties" en dus aftreedt als er geen toestemming van de VN komt voor een oorlog en voor de wederopbouw van Irak.

Vijf andere dissidente parlementsleden van Labour die lagere posten in de regering bekleden, dreigen eveneens op te stappen, meldde de Britse pers zondag. De eerste van hen, Andrew Reed, bevestigt dat hij maandag op een persconferentie zijn aftreden toelicht. Een ander, staatssecretaris van handel en industrie Patricia Hewitt, ontkent van plan te zijn op te stappen. Voorlopig is de regering nog hard aan het werk om een oorlogsresolutie aangenomen te krijgen door de Veiligheidsraad en dus is er nog geen reden om ontslag in te dienen, aldus Hewitt.

"Dit is een van de meest kritieke periodes uit de geschiedenis van Labour die ik me kan herinneren", zegt oud-staatssecretaris van defensie Doug Henderson. Eind februari stemden 122 van de 410 parlementsleden van Blairs eigen partij voor een motie waarin werd gesteld dat het regeringsstandpunt over Irak "ongefundeerd" is. Dat was de grootste revolte binnen Labour sinds Blairs aantreden als premier, maar het kan altijd groter: bij een volgend debat over Irak verwacht Henderson meer dan 150 dissidenten. Blairs populariteit onder de bevolking blijft intussen dalende, wijzen de peilingen uit. De mensen zien hem als het schoothondje van de Amerikaanse president George Bush.

Blair heeft zich in de kwestie-Irak steeds aan Bush' zijde geschaard, maar tegelijkertijd houdt hij vast aan zijn standpunt dat een oorlog alleen met instemming van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties mag worden gevoerd. Die twee standpunten blijken nu onverenigbaar: begin deze week stemt de Veiligheidsraad over een Amerikaans-Britse oorlogsresolutie, en het ziet er niet naar uit dat er een meerderheid voor is. Om redenen van geloofwaardigheid kan Blair nauwelijks meer terug: de regering heeft al meer dan een kwart van het Britse leger naar de Golf gestuurd.

Blair heeft eerder erkend dat hij door vast te houden aan zijn opvatting over Irak "alles op het spel zet". "Het lijdt geen twijfel dat Tony Blair zich erg moedig gedraagt en dat hij datgene doet dat volgens hem juist is. Wij steunen hem daarin", zegt vice-premier John Prescott. "We blijven proberen binnen het internationaal recht op te treden tegen Saddam Hussein."