Kledingsector werft weer aan

BRUSSEL -

Bij de voorstellling van het sociaal-economisch jaarverslag van de Kledingfederatie werd voorzichtig optimistische taal gesproken. Het ergste leed binnen de sector lijkt geleden, in zoverre dat ongeveer eenderde van de bedrijven opnieuw aan uitbreiding toe is. Deze expanderende bedrijven worden echter in toenemende mate geconfronteerd met het probleem van het vinden van aantrekken van geschoold personeel.

BR>

Nog niet zo lang geleden zag het er naar uit dat de confectie in België ten dode was opgeschreven. Beetje bij beetje raakt de sector er toch weer bovenop. Het uitzicht van de kledingsector is echter grondig van uitzicht veranderd. De tijd van de grote bedrijven met honderden werknemers behoort definitief tot het verleden. Kledingproductie op een dergelijke schaal is omwille van de hoge loonkosten in ons land niet langer mogelijk. Het voorbeeld van de sluiting van Levi's, met het verlies van bijna 1.000 jobs in de productie, spreekt in dat verband boekdelen. Wie in België in de sector wil overleven, moet producten met een hogere toegevoegde waarde op de markt brengen.

Maar liefst 63 procent van de totale productie van Belgische bedrijven gebeurt nu in het buitenland. Omgerekend naar tewerkstelling betekent dit dat Belgische bedrijven ongeveer 40.000 mensen een job verschaffen, hoofdzakelijk in Oost-Europa en Noord-Afrika. De buitenlandse tewerkstelling bedraagt ongeveer het dubbele van die in eigen land.

Tewerkstelling

De Kledingfederatie heeft zo'n zijn twijfels bij de cijfers over de forse daling van de binnenlandse productie. Die zou sinds 1995 zijn gehalveerd, waarmee ons land het veel slechter doet dan de andere Europese landen. Vorig jaar lag de productie gemeten naar het aantal stuks 16 procent lager, ten opzichte van een daling van de globale Europese productie met slechts 3 procent. In waarde daalde de Belgische productie met slechts 4,5 procent.

Qua tewerkstelling blijft de trend bij de arbeiders dalend en is bij de bedienden sprake van een stabilisering, zo blijkt uit een studie uitgevoerd door het IVOC. Het verhuizen van de productie naar het buitenland lijkt grotendeels achter de rug, hoewel van een omslag in deze trend nog geen sprake is. Wel zal 80 procent van de bedrijven in de toekomst opnieuw gaan aanwerven, in de meeste gevallen ter vervanging van afvloeiend personeel. Toch heeft eenderde van de ondervraagde confectiebedrijven meer personeel nodig, een vaststelling die zowel voor grotere als voor kleinere bedrijven geldt. In 1998 liep het aantal nieuwe aanverwervingen op tot bijna 1.400.

Het rekruteren van geschikt personeel blijft echter een levensgroot probleem. De bedrijven zijn op zoek naar de juiste mensen, terwijl anderzijds een groot aantal werklozen op de arbeidsmarkt niet meer aan de bak komt.