Aantal wolkbreuken zal toenemen

Het barre zomerweer van de afgelopen dagen is paradoxaal genoeg het gevolg van de stijging van de gemiddelde temperatuur. Dat zegt het Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut. Weervrouw Monique Somers heeft uitgerekend dat een stijging van de gemiddelde temperatuur met één graad tot een toename van 10 procent leidt in de regenval tijdens zware buien. Door de opwarming van onze aarde zouden wolkbreuken zoals gisteren in Hemiksem in de toekomst steeds minder uitzonderlijk worden.

BR>

Luc Debontridder bevestigt dat ook het KMI sinds 1987 een tendens waarneemt naar temperaturen die meer dan eens boven de normaalwaarde uitkomen. Hevige regenval, stevige onweders en wolkbreuken zijn het gevolg.

"Maar wolkbreuken zijn geen fenomeen van de laatste jaren. Een onweersbui waarbij 60 liter per vierkante meter uit de hemel valt, is helemaal niet uitzonderlijk. Zulke buien vallen uit stapelwolken die een hoogte van tien tot elf kilometer kunnen bereiken. In die wolkenpartijen zitten enorm grote hoeveelheden water. Op een hoogte van vijf tot zes kilometer komt de warme lucht in botsing met de koude lucht. Dat kan leiden tot een zeer plaatselijk onweer, met op de ene plaats bakken regen, terwijl het enkele kilometers verderop kurkdroog blijft."

De hagelbuien die Europa de laatste week hebben bestookt, ontstaan dan weer door stijg- en daalstromen in de cumuluswolken. IJsmoleculen stijgen en tijdens hun reis nemen ze water op en worden almaar groter. Als de stijgwinden in een stapelwolk zeer sterk zijn, kunnen de hagelbollen de grootte van een tennisbal bereiken. Dat was aan het Italiaanse Gardameer bijvoorbeeld het geval. "Maar dat fenomeen hebben we ook in België gekend. Volgens metingen zou ons dit in de voorbije veertig jaar al dertien keer overkomen zijn", aldus Debontridder.