"Dopinggebruik courante praktijk in vrouwentennis"

Het gebruik van doping is een courante praktijk in het vrouwentennis, dat zegt John Mendoza, de directeur van het Australische anti-dopingagentschap (ASDA), dat tijdens de Olympische Spelen van Sydney 2000 verantwoordelijk was voor de dopingcontroles.

Belga

Mendoza verwijt de tennisautoriteiten "blind" te blijven voor de problematiek. "Ze willen niet erkennen dat dopinggebruik gemeengoed is in het tennis, en dan vooral bij de vrouwen", aldus Mendoza. Voor de Australiër lijdt het geen twijfel dat het vrouwentennis "sterk afhankelijk" is van dopinggebruik. Mendoza maakt de vergelijking met het WK zwemmen van 1994, dat gedomineerd werd door de Chinezen.

Het vrouwentennis wordt op dit moment gedomineerd door de Amerikaanse zussen Venus en Serena Williams en Jennifer Capriati. "Om de eerste plaats op de wereldranglijst te veroveren, moet je je lichaam op een abnormale manier transformeren", meent Mendoza.

De uitlatigen van Mendoza zijn een reactie op het nieuws dat maandag bekend raakt. De Franse krant Le Monde onthulde toen dat op Roland Garros twee spelers betrapt waren op het gebruik van doping. Het zoy gaan om een man en een vrouw.

Debbie Jevans, de directrice van de Internationale Tennis Fedederatie (ITF), zegt "verbaasd" te zijn over het feit dat "een dergelijk vooraanstaand figuur zulke dingen zegt, zonder dat hij over bewijzen beschikt. Dit kan het tennis veel schade toebrengen", aldus Jevans.