Genkse volksraadpleging was dieptepunt

«Voor het referendum van twee weekends geleden in Genk kwamen procentueel minder kiesgerechtigden opdagen dan voor eerdere volksraadplegingen.» Dat zegt de Genkse burgemeester Jef Gabriels. «Er komen steeds minder mensen opdagen. We moeten de democratische waarde ervan dus naar juiste waarde schatten.»

BR>

De volksraadpleging die op 9 juni in Genk werd gehouden, was de negende ooit in Vlaanderen. Op 13 oktober 1996 kreeg Vlaanderen zijn eerste volksraadpleging: in Genk werd de bevolking zijn mening gevraagd over de inplanting van het Fenixproject op de mijnterreinen van Winterslag. De kiesdrempel van 40 procent werd niet gehaald. Omdat slechts 37,47 procent van de bevolking was komen opdagen, werd ook geen telling gehouden. Acht maanden later peilde Begijnendijk zijn inwoners naar de noodzaak om een oud gemeentehuis en zwembad te behouden en een cultureel centrum te bouwen. Met 32 procent werd ook daar de kiesdrempel niet gehaald.

«De eerste keer dat dat wel gebeurde, was in december 1997 in Gent: 70.000 Gentenaren of 41,12 procent kwam zijn stem uitbrengen, 95 procent van hen zag een ondergrondse Belfortparking niet zitten,» aldus Gabriels. «Bij de twee daaropvolgende volksraadplegingen in Sint-Niklaas en Bochhout - beide in juni 1998 - werd de kiesdrempel ook gehaald.»

Maar dan ging het aantal deelnemers drastisch naar omlaag. «In januari 1999 kwam in Zulte slechts 23,41 procent opdagen om zich uit te spreken over de inplanting van een nieuw bedrijventerrein. Drie maanden later bracht in Gent slechts 22,17 procent een stem uit over het nieuwe vervoersplan,» aldus Gabriels. Dan werd de wet veranderd: voortaan zou bij een volksraadpleging tot telling kunnen worden overgegaan als 10 procent van de kiesgerechtigden komt opdagen. Dat percentage werd bij de achtste raadpleging in Peer met 35 procent opgedaagde kiesgerechtigden ruim gehaald. Tweederde zag een maximumsnelheid van 70 per uur op de gemeentewegen en een zone 30 in de dorpscentra niet zitten. Bijna 60 procent was wel voor doorgedreven snelheidscontroles.

«Nooit kwamen procentueel minder kiesgerechtigden opdagen voor een raadpleging als die van twee weekends geleden in Genk, waar 20,22 procent een stem uitbracht. We moeten de democratische waarde van volksraadplegingen dus niet onder- maar ook niet overschatten,» besluit Gabriels.