Flahaut pleit voor "brede" uitbreiding van NAVO

Print
De Belgische minister van Defensie André Flahaut heeft zich donderdag uitgesproken voor een "zo breed mogelijke" uitbreiding van de NAVO. Hij deed dat tijdens een bezoek aan de Bulgaarse hoofdstad Sofia.
Flahaut pleitte met name voor een toetreding van Bulgarije tot de NAVO. "De kleine lidstaten moeten de toetreding van landen van eenzelfde grootte ondersteunen om de stabiliteit en de veiligheid in de regio te verbeteren", klinkt het in een mededeling van de minister van Defensie.

De lidstaten zullen zich in november dit jaar in Praag buigen over de kandidaturen van negen landen: Letland, Estland, Litouwen, Slovakije, Slovenië, Roemenië, Bulgarije, Macedonië en Albanië. In diplomatieke kringen wordt gefluisterd dat Letland, Estland, Litouwen, Slovakije en Slovenië zullen toegelaten worden. Over het lot van Roemenië en Bulgarije heerst onzekerheid, ondanks de steun van enkele Europese landen. Macedonië en Albanië maken op korte termijn zo goed als geen kans om toe te treden, luidt het in diplomatieke en militaire kringen.

Flahaut heeft er donderdag op aangedrongen dat de uitbreiding "zo breed mogelijk" doorgevoerd wordt. "De NAVO is uitgegroeid tot een organisatie van stabiliteit en vredeshandhaving, en daarin heeft Bulgarije een rol te spelen", aldus Flahaut, die de NAVO vraagt ook rekening te houden met de motivatie, de gerealiseerde vooruitgang en de geostrategische belangen van de kandidaat-lidstaten. Bulgarije heeft grote inspanningen geleverd om zijn leger te hervormen en aan te passen aan de normen van de NAVO.
Tijdens zijn bezoek van enkele uren aan Sofia ontmoette Flahaut de nieuwe Bulgaarse president Georgi Parvanov, de premier en oud-koning Simeon van Saxen-Coburg-Gotha, en zijn Bulgaarse ambtsgenoot Nicolaï Svinarov.
Flahaut en Svinarov evalueerden de bilaterale militaire samenwerking tussen België en Bulgarije sinds 1994. Flahaut vroeg zijn collega ook na te denken over een eventuele samenwerking tussen de twee legers in de Balkan, meer bepaald in Kosovo, waar België een bataljon leidt waarin ook Luxemburgers en Roemenen zitten.