Defensieministers bespreken rol NAVO na 11 september

De defensieministers van de 19 NAVO-lidstaten staken dinsdag de koppen bij elkaar om na te gaan hoe de militaire middelen van de NAVO kunnen worden ingezet in de strijd tegen het terrorisme. "11 september heeft ons getoond dat we ons moeten voorbereiden op het het onverwachte", zo vatte een NAVO-woordvoerder de debatten samen.

BELGA

De NAVO wil zijn militaire slagkracht moderniseren om het hoofd te kunnen bieden aan de nieuwe uitdaging van het terrorisme, maar het debat hierover is nog in het beginstadium, aldus een anonieme NAVO-functionaris.

De Amerikaanse defensieminister Donald Rumsfeld lichtte zijn collega's in over de situatie in Afghanistan, waar VS-troepen en anti-talibanstrijders jacht maken op Osama bin Laden en de laatste aanhangers van het terroristennetwerk al-Qa'ida. Volgens Rumsfeld zijn er nog enkele verzetshaarden en heeft het netwerk ook vertakkingen buiten Afghanistan. De Belgische defensieminister André Flahaut bedankte Rumsfeld voor de informatie over Afghanistan en bevestigde zijn "daadwerkelijke" solidariteit met de VS. Wel bracht hij de grenzen van het Belgische engagement in herinnering, dat in de eerste plaats humanitair is. Dit engagement moet zich vertalen "aangepast aan de middelen van eenieder", ook budgettair, aldus Flahaut. België beliste de anti-terrorismecoalitie onder leiding van de VS een C-130 "Hercules" transportvliegtuig en een medische antenne ter beschikking te stellen. De minister sloot niet uit dat de medische ploeg op Afghaanse bodem wordt ingezet in het kader van een door Groot-Brittannië geleide multinationale vredesmacht. "We moeten wel nog een verzoek daartoe krijgen en dat is nog niet gebeurd", aldus de minister.

De landen die mogelijke een bijdrage zullen leveren tot deze vredesmacht onder VN-auspiciën zijn Frankrijk, Duitsland, Spanje, Argentinië, Australië, Nieuw-Zeeland, Canada, Turkije, Jordanië, Maleisië, Tsjechië en de Verenigde Staten.