OIC wil onderzoek naar bloedbad Mazar-e-Sharif

De Organisatie van de Islamitische Conferentie (OIC) heeft de Verenigde Naties woensdag gevraagd om een onderzoek naar het bloedbad in de buurt van het Afghaanse Mazar-e-Sharif, waar vorige week 300 tot 700 gevangen Taliban-strijders omkwamen bij de belegering van het fort waarin zij werden vastgehouden.

APNED

Secretaris-generaal Abdelouhed Belkziz van de OIC riep VN-chef Kofi Annan vanuit de Saudische stad Jiddah op "aan het licht te brengen wat er werkelijk is gebeurd en te verzekeren dat zulke betreurenswaardige daden niet nogmaals plaatsvinden in andere delen van Afghanistan".

In de negentiende-eeuwse vesting Qalai Janghi bij de Noord-Afghaanse stad heeft zich een massaslachting voltrokken die volgens de OIC, waarin 56 islamitische landen zijn verenigd, in strijd was met de conventie van Genève uit 1949 over de behandeling van krijgsgevangenen.

Volgens de Noordelijke Alliantie waren de gevangen Taliban-strijders - voor het merendeel Pakistanen en Arabieren - in opstand gekomen. Drie dagen lang werd er gevochten, waarbij de vesting onder meer werd gebombardeerd door Amerikaanse gevechtsvliegtuigen. Ook mensenrechtenorganisaties hebben gepleit voor een onderzoek naar de gebeurtenissen in Qalai Janghi.