Portret van Isaac Stern

Print
De violist Isaac Stern, die het afgelopen weekend in een New Yorks ziekenhuis op 81-jarige leeftijd overleed, was veel meer dan alleen een groot violist. Geboren in de Oekraïne en als baby naar Amerika gekomen, maakte hij als wonderkind zijn debuut met het San Francisco Symphony Orchestra o.l.v. Pierre Monteux.
Na de oorlog speelde hij al snel in de concertzaal en de opnamestudio het ijzeren repertoire met grote dirigenten als Bernstein, Mitropoulos, Ormandy, Szell en Beecham. Ook in Nederland was hij vaak te horen. Daarnaast was hij een pleitbezorger voor hedendaagse componisten van gematigd moderne muziek als Bernstein, Hindemith, Rochberg en Penderecki. Dutilleux en Maxwell Davies schreven concerten voor hem en met pianist Eugene Istomin en cellist Leonard Rose vormde hij een beroemd trio.
Zijn repertoire was omvangrijk en zijn spel duidelijk herkenbaar en geworteld. Zoals veel joden van Russische komaf hield hij van het grote, emotionele gebaar en vond hij de intentie soms belangrijker dan de precisie. Inspiratie en warmbloedigheid kwamen nogal eens voor soliditeit en exactheid, waardoor zijn uitvoeringen zeer konden wisselen. Zijn beste vertolkingen stammen uit de jaren 1950-1975. Als kunstenaar leefde hij bepaald niet in een ivoren toren. Toen de fameuze New Yorkse concertzaal Carnegie Hall dreigde te worden afgebroken, zette hij met tomeloze Amerikaanse voortvarendheid een grootse campagne op en bracht hij geld bijeen voor de renovatie. Als jood was hij zeer begaan met de staat Israël, waar hij veelvuldig optrad, onder meer tijdens de Golfoorlog waarin Irak Israël belaagde met gifraketten. Toen iedereen in de zaal tijdens een aanval een gifmasker moest opzetten en alle andere musici het podium hadden verlaten, bleef Stern op zijn plek en speelde zonder gifmasker werken voor vioolsolo van Bach.
Hoe goed hij wist hoeveel klassieke muziek kan betekenen voor mensen in een of andere nood, bewees hij ook in China waar hij kinderen en volwassenen (opnieuw) de liefde voor de klassieke muziek bijbracht. De film over deze reis From Mao to Mozart werd bekroond met een Oscar.
In zijn laatste jaren gaf hij veel masterclasses waarin hij, zeer typerend voor hem, niet zozeer hamerde op techniek en souplesse, want technisch zeer begaafde jonge violisten zijn er nu in overvloed, als wel op persoonlijkheid en bezieldheid, die hij in overvloed bezat.