Kladaradatsch voor het hof van beroep

De advocaten van de Vlaamse gemeenschap, de Franse gemeenschap en de voormalige eigenaars hebben donderdag in kort geding voor het hof van beroep gedebateerd over de vraag wie zich nu voorlopig eigenaar mag noemen van het cinemacomplex Kladaradatsch. Op 13 april had de rechter van eerste aanleg in kort geding de Franse gemeenschap gelijk gegeven. Voor het hof van beroep deed meester Patrick Hofströssler, de advocaat van de Vlaamse gemeenschap, de chronologie van de verkoop uitvoerig uit de doeken. Hij wilde daarmee aantonen dat er tussen de Vlaamse gemeenschap en de Duitse eigenaars wel degelijk een overeenkomst bestond, wat er toe leidde dat de eigenaars op 2 februari van dit jaar een koopoptie aanboden. Het is door het lichten van die koopoptie op 22 februari dat de Vlaamse gemeenschap beweert eigenaar te zijn van het complex. Ondermeer het feit dat notarissen van beide partijen een ontwerp van koopovereenkomst opstelden, toont volgens de advocaten aan dat de eigenaars met de Vlaamse gemeenschap in zee wilden gaan. Niet zo, herhaalden de advocaten van de Franse gemeenschap én van de eigenaars donderdag voor het hof. De bewuste brief van 2 februari bevatte helemaal geen belofte tot verkoop, maar een oproep om een bod te doen. Soortgelijke brieven waren ook naar andere kandidaten gestuurd, opperde meester Moreau, de raadsman van de eigenaars. Bovendien waren beide partijen het nog oneens over de prijs.

BELGA

p> Beide gemeenschappen claimen eigenaar te zijn van het gewezen cinema-complex, annex café-restaurant Kladaradatsch, of ook wel Pathé Palace. Vlaams minister van cultuur Bert Anciaux beweert als eerste op 22 februari een koopoptie te hebben gelicht. Nadien trad Vlaams minister-president Patrick Dewael op al notaris om de koopovereenkomst athentiek te verklaren. De hypotheekbewaarder schreef deze akte over op 9 maart. De voormalige eigenaars en de minister-president van de Franse gemeenschap Hervé Hasquin betwistten dat er een verkoop was met Anciaux. Zij tekenden een koopovereenkomst op 24 februari en stapten naar de rechter in kort geding om de overschrijving ongedaan te maken. Op 13 april gaf de rechter in eerste aanleg de Franse gemeenschap en eigenaars gelijk en schorste de effecten van de overschrijving. Hoe het hof van beroep er over denkt, zou tegen het einde van de maand moeten duidelijk zijn.