Colosseum in Rome heeft joodse "roots"

De Romeinse keizers die het vermaarde Colosseum in Rome lieten bouwen, bekostigden deze peperdure operatie door het plunderen van de Tempel in Jeruzalem. Tot die verrassende conclusie komt Louis H. Feldman, professor in de klassieke filologie en de literatuur aan de Yashiva-universiteit in New York. De prof zette zijn theorie uiteen in het artikel 'Financing the Colosseum' in de nieuwste uitgave van het Biblical Archeology Review.

BELGA

BR>

Met de bouw van het Flavisch Amfiteater werd in 70 na Christus begonnen. De opdracht hiertoe werd gegeven door de (Flavische) keizer Vespasianus. Onder diens zoon en opvolger Titus werd het amfiteater, in hoofdzaak bestemd voor gladiatorengevechten en gevechten met wilde dieren, in het jaar 80 geopend. Omdat het zich vlakbij het kolossale beeld van wijlen Nero bevond aan de ingang van diens megalomane Domus Aurea kreeg het amfitheater gaandeweg de (bij)naam Colosseum.

Feldman komt tot zijn theorie volgens eenvoudige deductie. Toen Vespasianus de opdracht tot de constructie gaf, worstelde de keizer - volgens de historicus Suetonius - met een deficit van 40 miljard sestertiën, het equivalent van enkele miljarden euro. Dus: waar haalde de keizer het geld vandaan?

Feldman vond het antwoord in de inscriptie op een steen aan de hoofdingang van het Colosseum. Die vermeldt dat het "nieuwe amfitheater" werd bekostigd door "inkomsten uit buit (manubiis)". Die buit kan niet verworven zijn op de Romeinse veldtochten in Gallië (Frankrijk en België), Germanië (Duitsland), Brittania of Moesië (Servië en Bulgarije), want daar viel destijds weinig weelde te rapen.

De sleutel ligt in Israel, zegt Feldman. Zowel Vespasianus als Titus nam als generaal deel aan de onderdrukking van de joodse opstand (66-70 na Christus), die werd bezegeld door de vernietiging van de Tempel van Jeruzalem (waarvan heden ten dage enkel nog de Klaagmuur overeind staat). In 'De joodse oorlog' schrijft de toenmalige joods-Romeinse chroniqueur Flavius Josephus dat de Tempel "een weelde aan zilver, goud en zeldzame weefstoffen" heeft opgeleverd. De Tempel deed overigens ook dienst als bank... De theorie klopt als een bus. Maar of een en ander werkelijk zo gebeurd is, zal men wellicht nooit weten.