Frank Vandenbroucke niet langer op de vlucht

Print
BORNEM - Frank Vandenbroucke (26) kondigde dinsdag zijn comeback in het wielerpeloton aan. De vermiste en aan lager wal geraakte Belgische renner is weer terecht. Hij is volop in training, wordt begeleid door een team van deskundigen en wil een betere renner worden dan hij is geweest.
"Neen, ik heb geen idee over een datum waarop ik terugkeer in het peloton. Op dit ogenblik is dat trouwens slechts een detail. Belangrijk is dat ik de eerste stap heb gezet. Dat ik me weer gezond voel, dat ik niet meer op de vlucht ben voor de wereld en voor mezelf, dat ik weer met journalisten durf praten. De rest zien we wel. Nu eerst werken, keihard werken. Daarna pas beslissen. Ik heb momenteel slechts drie zekerheden: dit jaar koers ik niet meer, mijn tijd bij Lampre-Daikin is voorbij en ik wil een betere renner worden dan ik ooit geweest ben". Frank Vandenbroucke lééft dus nog. Voorbij de periode waarin hij doolde tussen steeds nieuwe sportieve mislukkingen en valse middelen en manieren om aan de realiteit te ontsnappen. VdB heeft eindelijk ingezien dat het niet verder kon zoals hij het laatste anderhalf jaar klungelde. En hij heeft aanvaard dat hij niet in staat is om in z'n eentje uit te put te kruipen. Voor iemand met zijn ego een inspanning die minstens zo groot is als het beklimmen van de Mount Everest. Vandenbroucke laat zich helpen door psycholoog Jef Brouwers, fysiotherapeut Lieven Maesschalck en manager Paul de Geyter (SEM). "Een paar maanden geleden ben ik geschrokken van mezelf. Ik was geen normaal mens meer, ik praatte met niemand, ik was geen open boek meer zoals vroeger. In twee jaar tijd had ik iedereen van me afgeduwd. Ik was totaal veranderd zonder dat ik het besefte. Nooit eerder in mijn leven had ik verloren, had ik in iets mijn zin niet gekregen. En plots ging niks meer, botste ik alleen nog maar op muren. Dat haalde me totaal uit evenwicht".

Wervelstorm
"Ook als renner lukte niets meer. Toen dit seizoen begon, besefte ik nog altijd niet hoe diep ik gevallen was, dat ik in een wervelstorm zet die me almaar dieper meezoog. Ik dacht dat ik goed bezig was, ik wilde zo snel mogelijk in competitie komen, ik was niet ziek. Maar ik kon niet volgen. Ik was geen renner meer, maar weigerde dat te aanvaarden. Ik had nergens nog zin in, liet me gaan. Pas midden juni is het kwartje bij me gevallen".

"In de eerste plaats door Sara, mijn vrouw. Zij maakte me duidelijk wie ik écht geworden was, bracht me tot bij de mensen die me nu helpen. Een psycholoog en een fysiotherapeut. Mensen die hun vak kennen en die weten hoe ze mij uit de put kunnen halen. Als Lance Armstrong en Tiger Woods zich door dergelijke specialisten laten begeleiden, waarom ik dan niet?" Via lange gesprekken met meneer Brouwers (de psycholoog, red.) en via de prettige manier waarop fysiotherapeut Maesschalck mijn lichaam gezond probeert te maken, heb ik mezelf weer in de hand genomen. Ik voel me geen slappeling meer en ik heb weer zin om te leven. Ik beleef echt plezier aan dat zwemmen, kleiduifschieten en Thais boksen".

"Natuurlijk weet ik dat het hierbij niet kan blijven. Dit is slechts de eerste stap, alhoewel een zeer belangrijke. Ooit moet de tweede stap komen: weer de fiets op om een betere renner te worden dan ik ooit geweest ben! Dat is het doel. Anders zat ik hier niet. Ik ben ervan overtuigd dat ik dat doel zal bereiken. Een kans als deze, dat zulke mensen mij willen terugbrengen waar ik ooit stond, krijg ik nooit meer. Die mag ik dus niet vergooien."