Reggae Geel houdt het droog en divers

Print
Jah was het afgelopen weekend bijzonder goed gezind. Tevreden zag Hij toe hoe voor de 23ste keer een eredienst voor Hem in de Belse Bossen werd gevierd. Met soundsystems en artiesten die een erg divers publiek, zo'n 6.500 zielen op vrijdag en 15.000 op zaterdag, kon aanspreken. Als dank zorgde Hij ervoor dat Reggae Geel geen druppel regenwater te verwerken kreeg.
Best wel opmerkelijk, want in het centrum van Geel en op weg naar het festival toe, vielen bakken water uit de hemel. Maar niet op het festivalterrein zelf dus, al was de weide hier en daar nog een beetje modderig van de zware onweersbuien de nacht voordien. Maar geen reggaefan die daar om maalde. Op vrijdagavond zakten al meer dan 6.000 kleurrijke muziekliefhebbers af om te komen shaken op de loeizware bassen van de dancehall. De soundsystems deden de tent trillen met beats en schreeuwerige intermezzo's van de mc's. Wie iets kalmer de vooravond van de grote festivaldag wilde meemaken, kon op een andere wei naar Jamaicaanse films gaan kijken. We zagen een rastafari het verhaal uit de doeken doen van een festival in Jamaica (inclusief een volleybalterrein op een omgeploegde heuvel, midden in de bossen) en dancehall queens hun meest sexy punani-moves maken voor de camera.
Een gezonde en lange nachtrust zat er daarna niet in: het feest ging gewoon verder op de camping, en 's ochtends begonnen de zelf meegenomen soundsystems al opnieuw te boomen. We ontmoeten Ivan van de reggaecrew I&I Rations. Hij wil ons de tent van Ion Youth tonen waar tijdens het hele festival plaatjes gedraaid worden, maar belandt in de verkeerde tent. Tja, het is nu eenmaal een relaxed reggaesfeertje, daar in Geel. Op naar de eigen tent dan maar, maar daar blijken de boxen van hun eigen soundsystem kapot gespeeld. Te veel bas opengedraaid? «Ah ja. Bastafari man!»

Jodelen

De grote wei op dan maar. We zien de Belgen van Panache Culture geen ondaardig concert weggeven. De gebroeders Hamra die de kern vormen van deze multiculturele kliek, sporen ons aan om meer bruit te produceren. Het gezapige tempo dat hun (Franse) teksten ondersteunt, lijkt het zonnetje nog meer te overtuigen om eens lekker door te branden. We reppen ons terug recht voor Max Romeo, de man die het meest eigenzinnige geluid produceerde op de Geelse wei. Oorzaak was de samenwerking met het Italiaanse Tribu Acustica. De naam zegt het al: de band wil een akoestische ode brengen aan reggae en klonk daardoor bij momenten folky en worldachtig. Romeo mixte de sound met onvervalste reggaeklassiekers van anderen en hemzelf. 'War In A Babylon' kon daarbij op veel warme reacties rekenen.
Terug naar de meer vertrouwde reggaeklanken met de Stone Roots band. Uitstekend backingwerk verrichtend voor Lloyd Brown («do you wanna hear my number ones?»), de in maatpak gehulde en volop jodelende (sic!) Leroy Gibbons(f) en oude, maar volgens Run DMC-regels geklede, knar Alton Ellis. Respect voor de mannen die fraaie sets neerzetten, maar soms toch ietsje te glad overkwamen. Jonge reggaefans vonden op dat moment meer hun ding in de pompende raggaritmes in de Dancehall. Meer en meer volk bleef toestromen voor een onvervalst feestje, maar ze konden wel best op tijd terugkeren voor Fredlocks en vooral Shinehead. Deze laatste performer droeg een smurfige kokmuts en rapte, toaste en zong of zijn leven er van af hing. Bijzonder energiek, en met grappige danspasjes on top. Het feetsje ging daarna wellicht nog uren verder op de camping, maar toen was onze pijp al uit.