Walter Godefroot over de Ronde van Vlaanderen

SINT-MARTENS-LATEM -

"Op het moment dat ik een punt zette achter mijn carrière sprong mijn vrouw een gat in de lucht. Al die tijd had ze met tegenzin opgekeken tegen de dag voor een klassieker. Ik was niet om aan te spreken, schopte met woorden wild om mij heen. Mijn mentale voorbereiding was zeer intens. Maar ik zat een minuut op de fiets en de spanning was weg." Walter Godefroot begint op dezelfde manier aan een interview. Pas nadat de eerste woorden zijn gewisseld, gaan de zenuwen op reis.

Luc Lamon

BR>

"Mag ik toch een kleine correctie aanbrengen?", nuanceert Godefroot als we hem het doel van ons bezoek uitleggen. "De Ronde van Vlaanderen bezorgde mij een naam in Vlaanderen, mijn overwinning van een jaar later in Parijs - Roubaix in Frankrijk. En vermits mijn manager een Fransman was, was mijn demonstratie in de hel belangrijker voor mijn internationale doorbraak." De

big boss

van het fietsend deel van Deutsche Telekom stond ook als renner al aan de top. Godefroot was de Zabel van zijn tijd, die een heel seizoen meegrabbelde wat kon.

Vlaanderens Mooiste

won hij twee keer: in 1968 en 1978. Bij het begin en op het einde van zijn profbestaan. Een symbolischer ankerpunt kan een wedstrijd haast niet zijn.

Vandaag is het bijna ondenkbaar dat een renner van 25 de Ronde wint. Was jij al zo vroeg rijp voor het grote werk?

Walter Godefroot:

Daar werd vroeger niet bij stil gestaan. Een jonge prof moest zich direct bewijzen en overal opdraven. Waagde het maar eens af te stappen in een kermiskoers. Er was altijd wel een burgemeester, vriend of goede zakenrelatie van de sponsor die op je rekenden. Eigenlijk werden wij uitgemolken. Meer dan honderd wedstrijden per jaar en altijd presteren. Ik bekijk het zo: een marathonloper komt misschien aan drie startlijnen per jaar, van een coureur wordt dat drie keer per week verwacht. Vandaag is de situatie veel gezonder. Renners krijgen een behoorlijk loon en hebben inspraak in hun programma. Willen de toppers passen voor een criterium, dan passen ze. Uit mijn mond geen jaloerse opmerkingen over de renners van vandaag. Ze moeten voor het betere geld dat ze verdienen tenslotte hard werken en zich veel opofferingen getroosten. Deze generatie verdient niet te veel, wij verdienden veel te weinig.

Het jaar voor de Ronde had je Luik - Bastenaken - Luik en het nationaal kampioenschap al binnen. Walter Godefroot stond al vroeg op de kaart.

(Vergenoegd)

Ik was geen onbekende meer toen ik voor het eerst de Ronde won. Maar de Ronde lag toch meer dichtbij dan de Waalse klassieker. Niet dat ze toen al zo leefde als vandaag. Alleen de wielerliefhebbers wisten het als ze eraan kwam, vandaag weet iedereen dat. De impact is een stuk groter geworden.

Ik was niet bepaald een renner voor die of die klassieker. Ook dat konden we ons niet permitteren. Pieken was nog een onbekend woord. Wij moesten overal goed zijn. De Ronde, Parijs - Roubaix, Luik: ik behoorde altijd tot het kransje favorieten. Met dit verschil: in Luik eindigde ik vijf keer in de topdrie, maar was ik zelden de beste. In de andere twee klassiekers was ik dat vaak wel, maar won iemand anders. Er moest ook wat geluk bij zijn. Een lekke band en je mocht het vergeten. In de hel reed ik ooit met Moser alleen voorop toen het mij overkwam. In dat opzicht is de Ronde eerlijker geworden. Wie door pech teruggeslagen wordt, kan weer aansluiten omdat er overal neutrale wagens meereizen. Als je sterk genoeg bent tenminste.

Jouw palmares had dus veel rijker kunnen zijn?

Misschien. Op het moment dat ik van alle klassiekers de geheimen kende, was het tijd om op te krassen. Dat lag grotendeels aan mezelf. Ik was nogal eigenzinnig, moet ik bekennen. Dat móest ook, want de wielersport was toen nog een echte

struggle for life

. Wie meegaand was, daar werd de vloer mee aangeveegd. De begeleiding was evenmin wat ze vandaag is. Ploegleiders stelden niet zoveel voor. Als je die mannen vandaag bezig hoort, waren zij het die de wedstrijden wonnen.

(Lacht)

Hun coureur moest bij manier van spreken alleen nog zijn armen in de lucht steken. Een renner was een onmondig wezen. Gelukkig is ook dat veranderd.

Was er ook niet ene Eddy Merckx die nogal wat talent de pas naar de podia afsneed?

Ik durf niet beweren dat mijn palmares er anders zou hebben uitgezien zonder Merckx. Ik had in elk geval geen Merckx-complex, mocht je dat denken. Ik stemde nooit een wedstrijd op hem af. Dat zal wel aan mijn instelling liggen. Ik wilde ook niet per se altijd winnen zoals een Van Looy. Het zou bij mij nooit opgekomen zijn de concurrentie te betalen om achter een ontsnapte ploegmaat aan te gaan. Ik kon best een ander de bloemen gunnen en in dienst van de ploeg rijden. Eigenlijk was ik al snel het verlengstuk van de sportbestuurder in de wedstrijd.

"Zabel liegt over zijn Ronde-liefde"

Duitsland en de Ronde van Vlaanderen: het is geen relatie die tot een gelukkig huwelijk zal leiden.

"Olaf Ludwig was de enige die van de Belgische koersen hield. Na hem hoorde ik mijn renners alleen smalend bezig over

Die Scheisserennen in Belgien

", lacht de manager van Telekom. "Maar die mentaliteit is aan het omslaan. De jeugd moet niet meer met een stok naar ons land worden gedreven. Wesemann kickt zelfs op het Vlaamse werk. Maar Zabel liegt als hij het over zijn Ronde-liefde heeft. Hij rijdt de wedstrijd alleen maar omdat zijn status hem daartoe verplicht. Diep van binnen zou hij liever een zuiders rittenkoersje betwisten."

"Er moet soms wat geluk bij zijn"

Het verschil tussen winst en verlies zit in een grote wedstrijd vaak in een klein hoekje. Godefroot was al op de terugweg toen hij in 1978 voor IJsboerke de Ronde won. "Die winst was ook voor mijzelf een verrassing", bekent Godefroot. "Ik was door Staf Janssens in huis behaald om Daniel Willems, Didi Thurau en co wegwijs te maken. De benen en het weer waren zo goed dat ik nog eens boven mezelf uitsteeg. Ik kwam nochtans ten val op de Eikenberg, maar met drie, vier ploegmaats sloot ik samen met een pelotonnetje terug aan bij de kop van de wedstrijd. Ik was ook bij de pinken toen in de finale werd gedemarreerd en deed dat op mijn beurt voor de Muur. Niemand kwam nog terug. Nochtans was ik de jaren voordien vaak veel sterker geweest. Leman kon mij in 1970 slechts verslaan met de hulp van een gesloten overweg. "

"Ferretti had het al snel door"

Ploegleiders van vandaag ontmoetten elkaar decennia geleden al in een andere gedaante. Giancarlo Ferretti van Fassa Bortolo was in de jaren '60 en '70 de Wilfried Peeters van Felice Gimondi en ontdekte Godefroot in

Vlaanderens Mooiste

.

"De Ronde van Vlaanderen 1969 werd op een grandioze manier gewonnen door Eddy Merckx. Ik had het voorseizoen niet zo schitterend aangesneden, maar de conditie kwam er beetje bij beetje toch. Die dag zat het mij niet mee en kwam ik ten val in de bevoorrading in Deerlijk. Ik verloor nogal wat tijd, maar werkte mij van groepje naar pelotonnetje om mijn plaats voorin weer in te nemen, Ferretti in het wiel.

Ik heb vandaag een coureur bezig gezien die je zal moeten kloppen als je Parijs - Roubaix wil winnen

, liet hij zijn kopman weten. Een week later wón ik in Roubaix."

Fiche Walter Godefroot

-

Geboren:

in Gent op 2 februari 1943

-

Prof:

van 1965 tot 1979

-

Belgisch kampioen:

in 1965 en 1972

-

Klassieke overwinningen:

Luik - Bastenaken - Luik (1967), Ronde van Vlaanderen (1968 en '78), Gent - Wevelgem (1968), Parijs - Roubaix (1969), Scheldeprijs (1969), Bordeaux - Parijs (1969 en '76), Kampioenschap van Zürich (1970 en '74), Henninger Turm (1974)

-

Overwinningen in rittenwedstrijden:

eindzege Vierdaagse van Duinkerke (1974), 10 ritzeges Tour en groene trui in 1970, 1 ritzege Giro, 2 ritzeges Vuelta, 3 ritzeges Ronde van Zwitserland